Arche­o­lo­gen vin­den 15e eeuw­se ‘bal­pen­nen”

GORINCHEM – ‘Sae­pe sti­lum ver­tas’, deze woor­den zul­len regel­ma­tig te horen zijn geweest in de loka­len van de Latijn­se School aan de Scoel­steg­he in Gorin­chem. Dàt de leer­lin­gen – alleen jon­gens, want meis­jes zaten niet in de school­ban­ken – hun schrijf­stift (sti­lum) regel­ma­tig keer­den om cor­rec­ties te maken, staat inmid­dels wel vast. De werk­groep Arche­o­lo­gie van de gemeen­te Gorin­chem vond op de toe­kom­sti­ge bouw­lo­ca­tie voor V&D vijf ijze­ren stif­ten.

Alle vijf vrij­wel tege­lijk, dit beves­tigt het beeld dat we al had­den”, zegt ama­teur-arche­o­loog Mar­tin Veen. “De hui­di­ge Knip­steeg stond in de vijf­tien­de eeuw te boek als ‘School­steeg’, een naam die ver­wees naar de Latijn­se school die daaar geves­tigd was. Het leu­ke is dat de stif­ten in vrij­wel per­fec­te staat zijn, op wat roest na.”

De vrij­wil­li­gers van de Werk­groep en stads­ar­che­o­loog Pie­ter Floo­re begon­nen maan­dag met hun speur­tocht naar het ‘Hof van de Hee­ren van Arkel’. De woning met opstal­len en tuin van het mach­ti­ge geslacht zou in de veer­tien­de eeuw in dE Gor­cum­se bin­nen­stad heb­ben gestaan. Teke­nin­gen en schil­de­rij­en ervan zijn er niet. De zoek­tocht is vol­le­dig geba­seerd op ver­wij­zin­gen naar het ‘hof’in de archie­ven.

Al kort na de eer­ste graaf­werk­zaam­he­den stuit­ten de onder­zoe­kers op een vijf­tien­de eeuw­se laag. “Niet onver­wacht, want dit deel van de stad iS in de eeu­wen erna maar mini­maal opge­hoogd.” De schrijf­stif­ten zijn niet de eni­ge vond­sten die de arche­o­lo­gen deden. In hun tij­de­lijk onder­ko­men, de voor­ma­li­ge brand­weer­ka­zer­ne bij het Kazer­ne­plein, staan inmid­dels enke­le krat­jes. Hier­in zit­ten plas­tiC zak­jes met scherf­jes, stuk­jes hout en metaal. Alles wordt later door vrij­wil­li­gers gecon­ser­veerd.

Het werk trekt de nodi­ge beLang­stel­ling, want de opgraaf­lo­ca­tie ligt pal naast het hek aan de Krijt­straat. “Er staan vrij­wel de hele dag door men­sen te kij­ken hoe we aan het werk zijn. En dan komen natuur­lijk de vra­gen en de opmer­kin­gen”, zegt Veen. “Of we al goud gevon­den heb­ben? Die opmer­king heb ik deze eer­ste week al diver­se keren voor­bij horen komen. En eer­lijk gezegd zal ik het nog wel vaker horen. We heb­ben immers zeven weken de tijd.

Anja Broe­ken
De Dord­te­naar
17 augus­tus 2002

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.