Skeletten bij Grote kerk hadden zwaar leven

GORINCHEM – De Gorcumers die eeuwen geleden in de schaduw van de Grote Kerk zijn begraven, hebben een zwaar leven achter de rug gehad. Dit blijkt uit fysisch-antropologisch onderzoek van hun botresten. Deze kwamen in mei 2008 tevoorschijn toen in de toren een blusinstallatie werd aangelegd.

De archeologen van Hollandia, ingehuurd door de gemeente Gorinchem, ontdekten de restanten van maar liefst 53 individuen. Het onderzoekbureau was op voorhand al ingeschakeld omdat er uit eerdere opgravingen was gebleken dat de kans groot was dat er op menselijke resten zou worden gestuit.
Eind 14e, begin 15e eeuw gingen de Gorcumers hun overleden stadgenoten op deze plek begraven, zo was de veronderstelling. Dit bleek ook het geval, want de oudste gevonden botresten dateren uit deze periode. De jongste skelettten stammen uit de 18e eeuw.

De onderzoekers bekeken 36 individuen. Hiervan hadden 28 de volwassen leeftijd bereikt (ouder dan 20 jaar). De gemiddelde leeftijd van de vrouwen uit deze groep was 36,4 jaar. Bij de mannen lag deze op 44,4 jaar. Dit laatste was niet uitzonderlijk. De leeftijd van vrouwen ligt erg laag. Bovendien zijn ze met hun gemiddelde lengte van 1,56 meter relatief klein. Vrouwen werden gemiddeld rond de 1,60 meter lang. Volgens de onderzoekers kan daarom worden gesteld dat de vrouwen in verhouding slecht af waren. Het is echter niet te relateren aan ziektebeelden, want in dat opzicht is er nauwelijks verschil met de mannen.
De onderzoekers vergeleken hun resutaten met die van de skeletten die op de Varkenmarkt zijn opgegraven, midden jaren 1996. De Gorcumers die hier werden ontdekt, werden in de periode 1455-1572 begraven. Zij werden een stuk ouder dan hun stadgenoten: gemiddeld elf jaar. Bovendien leden ze aan ‘welvaartsziekten’.

2 maart 2011
AD Rivierenland

Reageren is niet mogelijk