Haarweg 85 (2019)

Onderzoek

Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van grondboringen Plangebied Haarweg 85 Gorinchem Gemeente Gorinchem

Haar­weg 85, foto Toos Bus­ch.

Het arche­o­lo­gisch onder­zoek is uit­ge­voerd in het kader van de ver­gun­ning­pro­ce­du­re voor de bouw van een nieu­we schuur met een omvang van 16 x 24 meter ter plaat­se van de Haar­weg 85. De opper­vlak­te van het plan­ge­bied bedraagt cir­ca 400 m².

Conclusies onderzoek

De belang­rijk­ste te voor­zie­ne bodem­ver­sto­rin­gen betref­fen de aan­leg van de bouw­put voor de nieu­we schuur, tot op een diep­te van cir­ca 0.5 meter bene­den het maai­veld. Voor­af­gaand aan het arche­o­lo­gisch onder­zoek waren de hei­werk­zaam­he­den afge­rond. Op de kaart van het vige­ren­de Beste­mings­plan Bui­ten­ge­bied Gorin­chem ( PDF bestand archeologie gemeente Gorinchem PDF 6 MB) wordt ter plaat­se van het plan­ge­bied een zone weer­ge­ge­ven met een arche­o­lo­gi­sche dub­bel­be­stem­ming (Waar­de – Arche­o­lo­gi­sche ver­wach­ting hoog PM1). Voor een der­ge­lij­ke zone geldt op basis van arti­kel 21 van de bestem­mings­plan­re­gels een onder­zoeks­ver­plich­ting wan­neer daar in het kader van de ver­le­ning van een omge­vings­ver­gun­ning bodem­ver­sto­rin­gen wor­den voor­zien met een opper­vlak­te van meer dan 50 m² en met een diep­te van meer dan 0.3 meter bene­den het maai­veld. Ter plaat­se van het noor­de­lijk deel van het plan­ge­bied wordt een zone weer­ge­ge­ven met nog een twee­de arche­o­lo­gi­sche dub­bel­be­stem­ming (Waar­de – Arche­o­lo­gi­sche ver­wach­ting zeer hoog LMNT2). Voor een der­ge­lij­ke zone geldt op basis van arti­kel 28 van de bestem­mings­plan­re­gels een onder­zoeks­ver­plich­ting wan­neer daar in het kader van de ver­le­ning van een omge­vings­ver­gun­ning bodem­ver­sto­rin­gen wor­den voor­zien met een opper­vlak­te van meer dan 30 m² en met een diep­te van meer dan 0.3 meter bene­den het maai­veld. In het kader van de ver­gun­ning­pro­ce­du­re voor de plan­ont­wik­ke­ling moest dan ook een arche­o­lo­gisch bureau­on­der­zoek en een inven­ta­ri­se­rend veld­on­der­zoek door mid­del van grond­bo­rin­gen (IVO-Ove­rig) wor­den uit­ge­voerd, als eer­ste stap in de arche­o­lo­gi­sche monu­men­ten­zorg­cy­clus.

Uitsnede kadastrale minuut Gorinchem 1811-1832 met het plangebied Haarweg 85

Uit­sne­de kadas­tra­le minuut 1811 – 1832 met het plan­ge­bied.

Op basis van het arche­o­lo­gisch bureau­on­der­zoek en het IVO-Ove­rig kun­nen de vol­gen­de con­clu­sies wor­den getrok­ken :

1. Ter plaat­se van het zui­de­lij­ke deel van het plan­ge­bied is een bodem­op­bouw aan­we­zig met een sub­re­cent opge­brach­te puin­laag met een dik­te van 0.4 – 0.8 meter, op een oude bouw­voor, op meer­de­re lagen beho­ren­de tot de (oever-) Afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de Afzet­tin­gen van Tiel), op meer­de­re lagen eer­de­re (oever-) Afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de Afzet­tin­gen van Tiel), op oude­re (oever-) afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de afzet­tin­gen van Gor­kum). Op basis van de diep­te tot waar­op (veni­ge) klei­a­fzet­tin­gen zijn aan­ge­trof­fen – en van­we­ge het ont­bre­ken van Hol­land­veen – zou kun­nen wor­den gecon­clu­deerd dat de ter plaat­se en ten noor­den van het plan­ge­bied gele­gen stroom­gor­del van Spijk hier ook al actief is geweest gedu­ren­de de laat­ste Gor­kum-trans­gres­sie­fa­se en dus ouder is dan wordt aan­ge­no­men. Ter plaat­se van het noor­de­lij­ke deel van het plan­ge­bied ont­bre­ken de oude­re Afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de afzet­tin­gen van Gor­kum) en zijn waar­schijn­lijk aan de Stroom­gor­del van Spijk gere­la­teer­de, diep rei­ken­de (geul­zand-) Afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de Afzet­tin­gen van Tiel) aan­we­zig.

2. Arche­o­lo­gi­sche res­ten uit de Late Mid­del­eeu­wen en de Nieu­we Tijd kun­nen hier direct onder sub­re­cen­te ophoog­laag en de oude bouw­voor wor­den aan­ge­trof­fen, op en in de top van de (geul- en oever-) Afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de Afzet­tin­gen van Tiel), van­af een diep­te van cir­ca 0.7 – 1.2 meter bene­den het maai­veld.

Uitsnede kaart 'den Zuidhollandse waard met de aangrenzende landen' (1642), collectie Hingman.

Uit­sne­de kaart ‘den Zuid­hol­land­se waard met de aan­gren­zen­de lan­den’ (1642), col­lec­tie Hing­man, Nati­o­naal Archief.

3. Het plan­ge­bied is gele­gen in een gebied dat waar­schijn­lijk van­af de 11de eeuw is ont­gon­nen. De ten noor­den van het plan­ge­bied gele­gen Haar­weg dien­de des­tijds als ont­gin­nings­as. Op basis van his­to­risch onder­zoek kan wor­den gecon­clu­deerd dat de per­ce­len langs de Haar­weg in ieder geval van­af 1794 bebouwd waren. Deze bebou­wing lag waar­schijn­lijk op huis­ter­pen, zoals de huis­ter­pen ten noor­den en ten noord­wes­ten van het plan­ge­bied. Op basis van het Actu­eel Hoog­te­be­stand Neder­land (AHN) kan wor­den gecon­clu­deerd dat het plan­ge­bied – in tegen­stel­ling wat op de arche­o­lo­gi­sche beleids­kaart en de bestem­mings­plan­k­aart wordt gesug­ge­reerd – niet is gele­gen op de flank van een oude huis­terp. Op basis van de oude kaar­ten kan wor­den gecon­clu­deerd dat de kans op de aan­we­zig­heid van bebou­wings­res­ten uit de Nieu­we Tijd (voor 1890) ter plaat­se van het plan­ge­bied zeer klein is. Het­zelf­de geldt voor arche­o­lo­gi­sche res­ten uit de Mid­del­eeu­wen. Het aan­tref­fen van spo­ren die gere­la­teerd kun­nen wor­den aan de bewo­ning van de huis­terp is rela­tief klein, omdat het plan­ge­bied ten zui­den van de huis­terp is gele­gen. Der­ge­lij­ke res­ten kun­nen wel wor­den ver­wacht ter plaat­se van de ten noor­den en ten noord­wes­ten van het plan­ge­bied gele­gen huis­ter­pen.

Van­af een diep­te van cir­ca 0.7 – 1.2 meter bene­den het maai­veld, zou­den nog wel arche­o­lo­gi­sche res­ten uit de Late Pre­his­to­rie en de Romein­se Tijd aan­we­zig kun­nen zijn, op en in de top van de Afzet­tin­gen van de For­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de Afzet­tin­gen van Tiel). Ter plaat­se van het zui­de­lij­ke deel van het plan­ge­bied zou­den van­af een diep­te van cir­ca 2.5 – 2.8 meter bene­den het maai­veld (cir­ca 3.0 – 3.4 meter –NAP zou­den arche­o­lo­gi­sche res­ten aan­we­zig kun­nen zijn op en in de afzet­tin­gen van de for­ma­tie van Ech­teld (vol­gens de klas­sie­ke nomen­cla­tuur gere­kend tot de Afzet­tin­gen van Gor­kum).

Aanbevelingen

Op basis van het uit­ge­voer­de arche­o­lo­gisch bureau­on­der­zoek en boor­on­der­zoek (IVO-Ove­rig) moet wor­den gecon­clu­deerd dat de voor­ge­no­men plan­re­a­li­sa­tie niet zal lei­den tot de aan­tas­ting van behou­dens­waar­di­ge arche­o­lo­gi­sche res­ten. Bij de plan­re­a­li­sa­tie zal alleen de sub­re­cen­te puin­laag wor­den aan­ge­sne­den, of hoog­stens de top van de daar­on­der gele­gen oude bouw­voor. Arche­o­lo­gisch ver­volg­on­der­zoek wordt daar­om niet nood­za­ke­lijk geacht. Er wordt aan­be­vo­len om de arche­o­lo­gi­sche dub­bel­be­stem­ming te hand­ha­ven omdat hier bij die­pe­re bodem­ver­sto­rin­gen moge­lijk wel arche­o­lo­gi­sche res­ten kun­nen wor­den aan­ge­sne­den.

Publicatie

Melis, J. (2019) Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariseren Veldonderzoek door middel van Grondboringen Plangebied Haarweg 85 Gorinchem Gemeente Gorinchem Melis, J. (2019)
Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van grondboringen Plangebied Haarweg 85 Gorinchem Gemeente Gorinchem, Heinenoord.
Flipbook | PDF (4 MB)

Metadata

Kaart wordt gela­den, even geduld a.u.b.…

 

Archisnummer(s):4752695100
Topografische Kaart:38G
Coördinaten:124.501/ 428.878
124.516/ 428.880
124.499/ 428.903
124.514/ 428.904
Toponiem:Haarweg 85
Plaats:Gorinchem
Gemeente:Gorinchem
Provincie:Zuid-Holland
Type onderzoek:Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van grondboringen.
Uitvoerder:SOB Research, Instituut voor Archeologisch en Aardkundig Onderzoek, Heinenoord.
Projectleider:J.E. van den Bosch
Opdrachtgever:W. de Groot, Dalem
Bevoegd gezag:Gemeente Gorinchem
Aanvang onderzoek:november 2019
Vondsten & documentatie:-
DANS:-

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.