Opge­gra­ven bot­jes naar lab voor onder­zoek

 

Maja d' Hollosy en Toos Busch druk met registratie vondsten

Maja d’ Hol­lo­sy en Toos Bus­ch druk met regi­stra­tie van de vond­sten

GORINCHEM – Bij de arche­o­lo­gi­sche opgra­vin­gen in de sleuf naast de Gro­te Toren in Gorin­chem zijn behal­ve bot­ten en enke­le scherf­res­ten geen bij­zon­der­he­den gevon­den.
Een deel van de opge­gra­ven bot­ten en scher­ven is voor nader onder­zoek naar een gespe­ci­a­li­seerd labo­ra­to­ri­um gebracht. Nader onder­zoek van de bot­ten moet uit­wij­zen wat de leef­tijd is van de opge­gra­ven ske­let­de­len. Wel­licht valt op basis van dat onder­zoek ook nog te ach­ter­ha­len of de daar begra­ven per­so­nen aan een ziek­te leden.

De opgra­vin­gen van vori­ge week waren het ver­volg op graaf­werk in en naast de toren begin van dit jaar. De blus­wa­ter­lei­ding in de toren moest wor­den ver­legd. Bij graaf­werk wer­den veel meer men­se­lij­ke bot­ten gevon­den dan werd ver­wacht. Tot 1830 was het gebied rond de toren en de kerk begraaf­plaats.

Om meer infor­ma­tie over die begraaf­plaats te ver­za­me­len, werd in janu­a­ri beslo­ten de bot­res­ten tij­de­lijk weer te bedek­ken met klin­kers. Stads­ar­che­o­lo­ge Eli­za van Rooi­j­en heeft daar­op een plan van aan­pak gemaakt voor nader onder­zoek.

De naast de toren gegra­ven sleuf gaf een divers beeld. Op som­mi­ge plek­ken lagen de bot­ten hele­maal door elkaar, op ande­re plek­ken lag het ske­let nog vrij­wel zoals het er ooit is neer­ge­legd. Er wer­den ook nog enke­le hout­res­ten van  kis­ten gevon­den. De bot­ten wor­den uit­ein­de­lijk alle­maal her­be­gra­ven op de Alge­me­ne Begraaf­plaats.

AD Rivie­ren­land
30 mei 2008

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.