Vissersdijk 76 – 90 (2004)

Onderzoek

Onderzoek Vissersdijk 76 – 90 in  2004

In mei 2004 werd een inven­ta­ri­se­rend arche­o­lo­gisch bodem­on­der­zoek uit­ge­voerd aan de Vissersdijk te Gorinchem. Op de loca­tie werd de zool van een mid­del­eeuw­se dijk en een deel van een laat­mid­del­eeuw­se gracht ver­wacht. Haaks op de Vissersdijk is een proef­sleuf van ca 2 meter breed en 2 m lang aan­ge­legd. Tijdens het veld­werk werd ver­moed dat de gecon­sta­teer­de nat­te, onsta­bie­le en vond­strij­ke bodem­op­bouw kon wor­den ver­klaard door­dat in de vul­ling van een gracht gewerkt werd. Dit bleek tij­dens de uit­wer­king niet erg waar­schijn­lijk te zijn. Op de kadas­tra­le minuut is goed te zien dat de proef­sleuf een deel van de bleek­vel­den van de stad heeft door­sne­den.

Stadsafval

De afval­la­gen zijn zeer waar­schijn­lijk ont­staan door­dat van­af de 16de eeuw het ter­rein is gebruikt voor het dum­pen van stads­af­val (date­ring vond­sten laat 16e-18e eeuw). De gelaag­de, rela­tief scho­ne grij­ze klei die aan de west­zij­de van het pro­fiel te zien is zou dan heel goed het res­tant kun­nen zijn van de Vissersdijk, waar­van­daan het afval werd gestort. Tussen de vond­sten bevond zich een groot zeld­zaam laken­ze­gel (Gorcums dub­bel staal) met het stads­wa­pen van Gorinchem (1612). Ook wer­den res­ten van een pot­ten­bak­kers­oven gevon­den.

Detail kaart door Joan Blaeu (1652)

Ofschoon op de kaart van Blaeu (ca 1650) blijkt dat rond het mid­den van de 17de eeuw wonin­gen op het ter­rein ston­den die op ande­re stads­kaar­ten niet aan­ge­ge­ven zijn, is hier­van in de proef­sleuf niets terug­ge­von­den. In de uit­wer­king is niet dui­de­lijk gewor­den wat hier­voor de reden is. Wellicht zijn de 17de eeuw­se huis­res­ten door late­re bouw­ac­ti­vi­tei­ten geheel ver­dwe­nen. Een ande­re moge­lijk­heid is dat Blaeu op de hoog­te was van de bouw­plan­nen voor dit gebied en in zijn kaart de te bou­wen wonin­gen reeds heeft inge­te­kend, waar­na de plan­nen in een later sta­di­um zijn komen te ver­val­len.

Lakenzegel

Groot laken­ze­gel Gorinchem 1612

Op 29 april 2004 werd bij arche­o­lo­gisch onder­zoek aan de Vissersdijk een bij­zon­de­re vondst gedaan. Het was een loden zegel bestaan­de uit twee ron­de plak­ken van lood met een mid­del­lijn van 72 mm, met elkaar ver­bon­den door een smal reep­je van het­zelf­de mate­ri­aal na te zijn schoon­ge­maakt was het gewicht 162 gram.

Lakenzegel

Op een van de schij­ven is het stads­wa­pen van Gorinchem te zien met er omheen het rand­schrift : GORCVMS DVBBEL STAEL 1612. Tussen het val­hek en de gekan­teel­de dwars­bal­ken van het wapen is een rond­je zicht­baar. Op de ver­bin­dingslip staat een hand­je (Antwerpen) afge­beeld. De ande­re schijf was dub­bel gevou­wen, maar is inmid­dels vlak gemaakt. Deze zij­de heeft het­zelf­de rand­schrift : GORCVMS DVBBEL STAEL 1612. Binnen het rand­schrift bevin­den zich twee gaten met daar­tus­sen ver­ti­caal het woord : DVBBEL en daar­on­der STAEL. De ver­bin­dingslip ver­toont aan deze kant een huis­merk.

Staalmeesters

Aan de ach­ter­zij­de van de eerst­ge­noem­de schijf zit­ten twee­maal twee lip­jes, die bij het dub­bel­vou­wen van de twee loden schij­ven door de gaat­jes van de ande­re schijf val­len. Door deze lip­jes om te vou­wen, zoals bij een split­pen, zijn de twee schij­ven met elkaar ver­bon­den. We heb­ben hier te maken met een laken­ze­gel, bestemd om door staal­mees­ters te beves­ti­gen aan stuk­ken stof door de vier lip­jes door de stof en de gaat­jes van de ande­re loden plak heen te druk­ken en om te bui­gen.

De waardijns van het Amsterdamse lakenbereidersgilde, bekend als ‘De Staalmeesters’ collectie Rijksmuseum Amsterdam

De waar­dijns van het Amsterdamse laken­be­rei­ders­gil­de, bekend als ‘De Staalmeesters’, Rijksmuseum Amsterdam

In Amsterdam zijn bij opgra­vin­gen heel wat laken­ze­gels in diver­se uit­voe­rin­gen aan het licht geko­men. Het col­le­ge van de staal­mees­ters van die stad geniet bekend­heid door het schil­de­rij van Rembrandt in het Rijksmuseum. Een staal­mees­ter was een beë­dig­de func­ti­o­na­ris die naging of de door de laken­be­rei­ders aan­ge­bo­den stof­fen vol­de­den aan de gel­den­de nor­men wat betreft kwa­li­teit en kleur. De toet­sing van de kleur geschied­de aan de hand van een sta­len­boek. Als bewijs van goed­keu­ring werd de lap voor­zien van een loden laken­ze­gel. Een laken­ze­gel was dus een soort keur­merk voor wat betreft kleur en deug­de­lijk­heid van de lap. Het doet een beet­je den­ken aan het lood­je van de vroe­ge­re Gelderse worst, maar daar ging het voor­al om de kwa­li­teit.

Lakenmarkt

Zo zal het in Gorinchem waar­schijn­lijk ook wel zijn toe­ge­gaan. Al in een betrek­ke­lijk vroeg sta­di­um was er spra­ke van laken­nij­ver­heid. Het was de heer van Arkel in eigen per­soon, die een spe­ci­a­le laken­markt instel­de : die ses­te jae­r­mer­ckt is gehee­ten een laken­mer­ckt, ende is altoes des Manendaechs nae Sinte-Mertensdach, ende zal due­ren zes dag­hen lan­ck. Die laken­markt begon dus op de maan­dag vol­gend op 11 novem­ber en duur­de zes dagen lang. Van 1392 is een keur bekend voor de Gorinchemse want­snij­ders of laken­ko­pers. In dat geschrift staat o.a. voor­ge­schre­ven, dat de want­snij­ders elke maan­dag -markt­dag – bij­een moesten komen in het ghe­wan­thuys om daar hun waren te koop aan te bie­den. Bleven ze thuis dan was het niet toe­ge­staan hun stof­fen daar te verkopen.Uit de aan­we­zig­heid van het wevers­gil­de, waar­van bekend is dat het al in 1459 bestond, valt ook op te maken dat er in de stad tex­tiel­nij­ver­heid was, maar Gorinchem is geen cen­trum van laken­ne­ring gewor­den, zoals Leiden en Haarlem.

Jacob Vervooren Jacobz

In 1619 kreeg het stads­be­stuur een merk­waar­dig ver­zoek van een inwo­ner van de stad. Die inwo­ner was Jacob Vervooren Jacobsz., die voor een peri­o­de van elf jaar het alleen­recht vroeg voor het bewer­ken, ver­ven ende sege­len het loot van Gorchom daer­op slaen van stof­fen, zoals saai, bom, bazijn en katoen. Hier is dus dui­de­lijk spra­ke van het zege­len van stof­fen met een loden laken­ze­gel voor­zien van het ste­de­lijk wapen. Volgens het ver­zoek­schrift wil­de de aan­vra­ger werk ver­schaf­fen tot dien­ste van de gemeyn­te der stadt Gorchom ende ‘t wel­va­ren van veel huyss­ges­sin­nen, maar hij wil­de er natuur­lijk zelf ook beter van wor­den. Bovendien vroeg hij per­mis­sie zijn bewerk­te saai en bom­ba­zijn te mogen dro­gen bij het kerk­hof ach­ter het stad­huis, dus op de Groenmarkt.

Detail kaart door Joan Blaeu (1652) met het raam­werk op Bastion II

Ramen

Het dro­gen gebeur­de op hou­ten rek­ken, waar­op het laken na het vol­len en ver­ven werd gehan­gen, de zgn. ramen. Voor het plaat­sen van een raam huur­de Joost Herberensz. in 1602 een stuk­je grond aan de voet van de wal. Daarvoor betaal­de hij jaar­lijks een bedrag van f 3 aan de stadstre­so­rier. Door wol­len stof­fen te vol­len wer­den de vezels tot een dich­te, ega­le mas­sa ineen gewerkt. Dit ver­vil­tings­pro­ces geschied­de door het weef­sel te kne­den of te tre­den in een kuip met gebruik­ma­king van bij­ten­de en ont­vet­ten­de stof­fen. Na de bouw van een vol­mo­len in 1641 aan de mond van de Haven, ging dit met behulp van stam­pers die door wind­kracht in bewe­ging wer­den gebracht. Op de beken­de 17de-eeuw­se plat­te­grond van Blaeu is op Bastion 2 een raam gete­kend, een rek voor het dro­gen van stof­fen. Het is niet zeker of het raam er wer­ke­lijk heeft gestaan, want het kan een vrij­heid van de kaart­te­ke­naar zijn geweest. Als voor­beeld dien­de immers de kaart van Wijdtmans en op die kaart is op dat bas­ti­on geen raam te beken­nen.

Dordrecht

In 1966 ver­scheen mijn bij­dra­ge over de zegels en het wapen van Dordrecht in de bun­del ‘Zegels en wapens van ste­den in Zuid-Holland’. Daarin komen als illu­stra­tie drie laken­ze­gels van Dordrecht voor, waar­van een ook de woor­den DVBBEL STAEL heeft en het jaar­tal 1674. De stads­re­ke­nin­gen van Dordrecht bevat­ten gere­geld pos­ten die betrek­king heb­ben op der­ge­lij­ke zegels. Zo ont­ving in 1682 de stem­pel­snij­der Jacobus van Bueren over ‘t snij­den van ver­schey­de groote stem­pels off zegels, om dae­r­me­de te druc­ken en slaen de zegels off stae­len tot de lae­c­kens die yder naer sijn soort alhier door de stael­mees­ters aen de lakens gehan­gen wer­den. Het betrof een bedrag van £ 36. Dergelijke uit­ga­ven voor stem­pels voor Gorinchemse laken­ze­gels zijn nog niet aan het licht geko­men. Al eer­der kwa­men in Gorinchem bij arche­o­lo­gi­sche opgra­vin­gen loden laken­ze­gels te voor­schijn, maar die waren veel klei­ner van for­maat en wel­licht bestemd voor een min­de­re kwa­li­teit dan dub­bel staal.

(A.J. Busch in Oud-Gorcum Varia ; jaar­gang 21 ; num­mer 58 ; 2004 ; p. 111 – 113. Raadpleeg voor de bron­ver­wij­zing het oor­spron­ke­lij­ke arti­kel)

Foto’s

Publicaties

Busch, A.J. (2004)
Belangrijke arche­o­lo­gi­sche vondst aan de Vissersdijk, in : Oud Gorcum Varia, tijd­schrift van de his­to­ri­sche ver­e­ni­ging “Oud-Gorcum” 21 nr. 58, p. 111 – 113.
Flipbook | PDF (10 MB)

Gerritsen, S. (2004)
Een inven­ta­ri­se­rend veld­on­der­zoek aan de Vissersdijk, gemeen­te Gorinchem, Hollandia reeks 44, Zaandijk.
Flipbook | PDF (5,7 MB)

Gerritsen, S. (2005)
Gorinchem : Vissersdijk, in : Archeologische Kroniek Zuid-Holland 2004, Regionaal-his­to­risch tijd­schrift Holland 37, p. 91 – 92.
FlipbookPDF (1 MB)

Nicholson-van der Plaat, C. & M. van Dasselaar (2002)
Verkennend arche­o­lo­gisch bodem­on­der­zoek Vissersdijk 76 t/m 90 te Gorinchem, Archeomedia rap­port A01-599-Z02, Nieuwerkerk aan den IJssel.
Flipbook | PDF (4,66 MB)

Nicholson-van der Plaat, C. & M. de Koning (2002)
Gorinchem : Vissersdijk 76 – 90, in : Archeologische Kroniek Zuid-Holland 2001, Regionaal-his­to­risch tijd­schrift Holland 34, p. 79.
FlipbookPDF (1 MB)

Oostveen, J. van (2010)
Tabakspijpen van de Vissersdijk (2004) in Gorinchem, Tiel.
FlipbookPDF (4,9 MB)

Metadata

 

Archisnummer(s):onder­zoeks­mel­ding : 6270
waar­ne­ming : 50047
Topografische Kaart :38G
Coördinaten :126.920/427.060 (cen­trum)
Toponiem :Vissersdijk
Plaats :Gorinchem
Gemeente :Gorinchem
Provincie :Zuid-Holland
Type onder­zoek :IVO-P
Uitvoerder :Hollandia cul­tuur­his­to­risch onder­zoek en arche­o­lo­gie, Zaandijk
Projectleider :P.M. Floore
Opdrachtgever :Gemeente Gorinchem
Bevoegd gezag :Gemeente Gorinchem
Aanvang onder­zoek :28 april 2004
Vondsten & docu­men­ta­tie :Geen
DANS :https://doi.org/10.17026/dans-xup-tuk3

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.