Kazer­ne­plein (1997)

Onder­zoek

Drainagesysteem in tuin van het huis Paffenrode tijdens het archeologisch onderzoek op het Kazerneplein te Gorinchem in 1997.

Drai­na­ge­sys­teem in de tuin van huis Paf­fen­ro­de

De aan­lei­ding van dit pro­ject was het bouw­rijp maken van het Kazer­ne­plein voor de aan­leg van een onder­grond­se par­keer­ga­ra­ge en de nieuw­bouw van wonin­gen en win­kels. Het onder­zoek con­cen­treer­de zich op de moge­lij­ke res­ten van het Huis van Paf­fen­ro­de of Dros­ten Heck dat op deze loca­tie stond van het ein­de van de 16de eeuw tot aan het mid­den van de 18de eeuw. De opgra­ving had tot doel het vast­leg­gen van de grond­spo­ren van het huis en de daar­bij beho­ren­de tuin, het ver­za­me­len van vond­sten en de date­ring van de ver­schil­len­de fasen van her­bouw van het huis.

Beper­kin­gen
Voor het bodem­on­der­zoek was een peri­o­de en bud­get beschik­baar voor cir­ca 4 weken. Door deze rand­voor­waar­den is geen onder­zoek uit­ge­voerd naar de res­ten van de kazer­nes die op deze plek na 1800 ver­re­zen. Even­min is doel­be­wust gezocht naar spo­ren van gebruik van het ter­rein voor de stads­uit­brei­ding van 1590.

Resul­ta­ten
De opgra­ving werd uit­ge­voerd met behulp van een graaf­ma­chi­ne. Uit proef­sleu­ven die door Bal­last Nedam in augus­tus 1997 wer­den gegra­ven om de fun­de­rin­gen van zowel de Wil­lems- als Cita­del­ka­zer­ne te zoe­ken, bleek dat door de vele hei­pa­len en diep inge­gra­ven kes­pen de onder­grond tot op een diep­te van zeker 1 meter bene­den NAP op die loca­ties gron­dig ver­stoord was. Arche­o­lo­gi­sche spo­ren uit de 16e -17e eeuw waren hier niet meer te ver­wach­ten. Er werd gezocht naar fun­de­rings­res­ten en ove­ri­ge grond­spo­ren die een rela­tie zou­den kun­nen heb­ben met de boven­ge­noem­de 17e -18e eeuw­se bebou­wing en inrich­ting van het per­ceel. Door de beperk­te onder­zoeks­tijd is het onder­zoek van ande­re arche­o­lo­gi­sche spo­ren op het ter­rein beperkt geble­ven.

Detail kaart Gorinchem door Joan Blaeu met het huis Paffenrode in het midden

Detail kaart Joan Bla­eu (1649) met het huis Paf­fen­ro­de in het mid­den, Konink­lij­ke Bibli­o­theek.

Ook is niet het gehe­le ter­rein opge­gra­ven maar alleen het deel waar fun­de­rings­res­ten lagen die gere­la­teerd waren aan het hoofd­ge­bouw met de aan­gren­zen­de delen van de tuin of hof. De resul­ta­ten van de opgra­ving van het Kazer­ne­plein maak­ten een voor­lo­pi­ge recon­struc­tie van het huis van Paf­fen­ro­de moge­lijk. Het huis had een leng­te van 20 meter en een breed­te van maxi­maal 22 meter (zon­der zij­vleu­gel 14 meter). Ten noord­wes­ten van het huis stond een klei­ner gebouw dat met het hoofd­ge­bouw ver­bon­den was door een muur met een poort. Rond­om het huis zijn res­ten van een een­vou­dig afwa­te­rings­sys­teem gevon­den.

Paf­fen­ro­de

Jacob van Paffenrode en zijn vrouw Wilhelmina van Arckel door J.A. van Ravesteijn (1626), collectie RCE

Jacob van Paf­fen­ro­de en zijn vrouw Wil­hel­mi­na van Arc­kel, J.A. van Raves­teijn (1626), col­lec­tie RCE

De aan­leg van de Nieuw­stad
De stad Gorin­chem was tot aan het laat­ste kwart van de 16e eeuw omge­ven door een stads­muur die in die tijd eigen­lijk al niet meer vol­deed. Nieu­we bele­ge­rings­tac­tie­ken en modern wapen­tuig zou­den in tij­den van oor­log van de stad een weer­lo­ze prooi maken. Tot aan 1568 was er ech­ter geen nood­zaak om de stads­muur aan te pas­sen aan de eisen van de tijd. Bij de mees­te Hol­land­se ste­den ver­toon­den de muren en ver­de­di­gings­wer­ken dan ook een ern­sti­ge ach­ter­stand in onder­houd. De staat van de mid­del­eeuw­se stads­om­wal­ling van Gorin­chem zal op deze situ­a­tie geen uit­zon­de­ring zijn geweest. Met het uit­bre­ken van De Opstand of Tach­tig­ja­ri­ge Oor­log in 1568 koos het toen nog katho­lie­ke Gorin­chem in eer­ste instan­tie de zij­de van de Spaan­se koning. In de eer­ste jaren van de opstand bekleed­de voor­al het kas­teel de Blau­we Toren de belang­rijk­ste rol in de ver­de­di­ging van de stad. Na een kor­te drei­ging van de water­geu­zen in juni 1572 gaf de door de Spaan­se land­voogd Alva aan­ge­stel­de drost het kas­teel over aan de opstan­de­lin­gen. Nog in het­zelf­de jaar begon men met het in gereed­heid bren­gen van de ver­de­di­ging van de stad. Daar­toe sloop­te men de opstal­len bui­ten de stad om een het schoots­veld niet te belem­me­ren. Zo vie­len het Pest­huis bui­ten de Laag-Arkel­poort ten noor­den van de stad en de Laza­rus­kerk bui­ten de Oude Kan­sel­poort ten prooi aan de slo­pers­ha­mer. Rond­om de stad zal dus geen bebou­wing van enig belang meer heb­ben gestaan. De krijgs­kun­di­ge toe­stand en de ver­he­vi­ging van de strijd in de Noor­de­lij­ke Neder­lan­den nood­zaak­ten de stad om de kwets­ba­re mid­del­eeuw­se muren te slech­ten en een aar­den nood­om­wal­ling op te wer­pen in 1579. Het stads­be­stuur greep deze kans aan om de stad ruim uit te leg­gen en meer grond voor bebou­wing bin­nen te ves­ting te kun­nen cre­ë­ren. Gorin­chem kreeg van­af die tijd een belang­rij­ke mili­tai­re rol als ves­ting bin­nen de lands­ver­de­di­ging van het opstan­di­ge Hol­land. Bin­nen deze eer­ste ver­gro­ting van de stad ont­stond aan de west­zij­de de zoge­naam­de Nieuw­stad: een gebied omslo­ten door de hui­di­ge Struis­vo­gel­straat (gele­gen langs de mid­del­eeuw­se stads­muur), de Schut­ters­straat, het Krie­ken­straat­je, de Wes­ter­straat tot aan de Pomp­straat en de voor­ma­li­ge Melk­gracht en Smak­heul in het noor­den omlo­pend langs de hui­di­ge Pomp­straat. De hui­di­ge Pomp­straat geeft dus de oost­grens aan van de tij­de­lij­ke ves­ting­gracht die hier lag tus­sen 1579 en 1586.

Kaart Gorinchem door Nicolaas Wijdtmans (ca. 1600)

Kaart van de nieu­we ves­ting door Nico­laas Wijdt­mans (ca. 1600), Rijks­mu­se­um Amster­dam

Pas in 1586 begon men daad­wer­ke­lijk met de moder­ni­se­ring van de stads­om­wal­ling. Adriaen Antho­nisz. en Tho­mas Tho­masz. res­pec­tie­ve­lijk bur­ge­mees­ter van Alkmaar en Haar­lem, bei­den met een aan­zien­lij­ke staat van dienst in de sterk­te­bouw, kre­gen de opdracht om de nieu­we ves­ting van Gorin­chem te ont­wer­pen. De west­zij­de van de stad kreeg toen haar hui­di­ge ves­ting­vorm. Het gehe­le Kazer­ne­plein tot aan de Pomp­straat kwam zo bin­nen de stad te lig­gen. Onge­veer in deze peri­o­de zal ook met de sloop van de Blau­we Toren een begin zijn gemaakt.

De omwal­ling in het wes­ten kwam spoe­dig gereed maar door finan­ci­ë­le pro­ble­men kon men pas in 1598 de ves­ting­wer­ken aan de oost­zij­de van de stad vol­tooi­en.

Adriaen van Weres­teyn
In 1590 kon het stads­be­stuur de onbe­bouw­de grond ten wes­ten van de Schut­ters­gracht in kavels uit­ge­ven en zo de kos­ten die gemaakt waren voor de aan­leg van de nieu­we stads­wal­len gedeel­te­lijk terug­ver­die­nen. Een van deze kopers was de pen­si­o­na­ris mr. Adriaen van Weres­teyn, hij wist de hand te leg­gen op een groot per­ceel van ca. 80 x 100 meter tus­sen de West­wa­gen­straat, Pomp­straat, Toren­straat en de gracht langs de Struis­vo­gel­straat: het gehe­le ter­rein dat later bekend zou wor­den als het Kazer­ne­plein. Van Weres­teyn bouw­de een groot land­huis dat omge­ven was door een hof. Vol­gens A.J. Bus­ch, die een kor­te stu­die schreef over lust­ho­ven in Gorin­chem waar de belang­rijk­ste gege­vens van dit arti­kel aan ont­leend zijn, was het huis eigen­lijk te groots voor een pen­si­o­na­ris van een stad als Gorin­chem.

Jacob van Paf­fen­ro­de
Lang heeft Van Weres­teyn zijn huis niet bewoond want al in 1601 legt hij zijn ambt neer om zijn car­ri­è­re voort te kun­nen zet­ten aan het hof van de stad­hou­der in Den Haag. Het huis, dat het gezicht van Gor­cum zeker bepaald zal heb­ben, bleef zijn eigen­dom. Zijn woning werd eerst betrok­ken door Jon­ker Bart­ho­lo­meus van Eck, later nam de dros­saard Jon­ker Arent van Bos­huy­sen zijn intrek in het voor­na­me pand. Tot aan 1618 bleef Van Weres­teyn eige­naar van het huis en ont­ving jaar­lijks van de Sta­ten van Hol­land en West Fries­land fl. 250 aan huur­pen­nin­gen, aan­ge­zien de dros­saard of drost als ver­te­gen­woor­di­ger van de Sta­ten recht had op vrije bewo­ning. De erf­ge­na­men van Van Weres­teyn beslo­ten het huis en de grond in 1618 te ver­ko­pen aan Jon­ker Jacob van Paf­fen­ro­de, dros­saard van Gorin­chem en het Land van Arkel, en zijn schoon­moe­der de wedu­we Van Arc­kel. Zij was gehuwd geweest met Roe­lof van Arc­kel, de laat­ste man­ne­lij­ke telg van het geslacht Van Arkel dat zo bepa­lend is geweest voor de geschie­de­nis van de stad Gorin­chem. Roe­lof van Arc­kel was de voor­gan­ger van Jacob van Paf­fen­ro­de. Het is waar­schijn­lijk dat hij, tot zijn over­lij­den in 1616, uit hoof­de van zijn ambt als dros­saard ook het huis heeft bewoond. In dezelf­de peri­o­de, om pre­cies te zijn op 4 juni 1619, vraagt Jacob Ver­voorn Jac.zn voor 11 jaar octrooi om in een twee­tal huis­jes bij de woning van de dros­saard bom­ba­zijn te maken en die op het kerk­hof ach­ter het stad­huis te dro­gen. Het is ove­ri­gens een van de wei­ni­ge mel­din­gen die we heb­ben over het gebruik van ter­rein.

Detail grafsculptuur Wilhelmina van Arckel in de Grote Kerk te Gorinchem

Detail graf­sculp­tuur Wil­hel­mi­na van Arc­kel in de Gro­te Kerk te Gorin­chem

Van Paf­fen­ro­de stierf in 1652. Zijn vrouw Wil­hel­mi­na van Arc­kel over­leed reeds eer­der. Haar ver­schei­den moet hem heb­ben aan­ge­gre­pen want in de Gro­te Kerk liet Van Paf­fen­ro­de een praal­graf oprich­ten met de beel­te­nis van zijn gelief­de Wil­hel­mi­na. Het graf is met de sloop van het schip van de Gro­te Kerk in de 19e eeuw ver­lo­ren gegaan maar een deel van de tom­be bleef bewaard.

Johan van Paf­fen­ro­de
Het huis bleef ech­ter bin­nen de fami­lie. De mili­tair en dich­ter Johan van Paf­fen­ro­de bewoon­de het pand tot aan het begin van de jaren tach­tig. Hij was de bevel­heb­ber van het Gor­cum­se gar­ni­zoen maar zijn finan­ci­ë­le situ­a­tie zal niet al te roos­kleu­rig zijn geweest. In 1660 sloot hij een hypo­theek af van fl.8.000,- op moge­lijk een groot deel van zijn bezit­tin­gen waar­on­der een paar lan­de­rij­en en op “een huys ende hoff­stad met­te tuy­nen ende horen stal­lin­ge ende coets­huys daar­om gele­gen, staen­de in de Nieustad, bij hem com­pa­rant jegen­woor­digh bewoont, alwaer ten Oos­ten stads­graft, ten zuy­den stads­stra­te, ten noor­den mede stads­graft ende ten wes­ten de wedu­we van Jon­ker Tomas Cad­del naest gehuyst ende gele­gen zijn”

Johan van Paffenrode (links) en Lodewijk Huygens (rechts)

Johan van Paf­fen­ro­de (links) en Lode­wijk Huy­gens (rechts)

Lode­wijk Huy­gens
Hoe­lang Johan van Paf­fen­ro­de nog heeft kun­nen genie­ten van zijn bezit is niet dui­de­lijk. Wel weten we dat in 1682 Lode­wijk Huy­gens van Zuy­li­chem, zoon van Con­stan­tijn Huy­gens tij­dens zijn bewo­gen regent­schap als drost van Gorin­chem, fl.450,- per jaar aan huur voor het huis betaal­de. Hij huur­de het woon­huis, stal, boom­gaard en hof met “de niwe kamer ofte salet ende den hoif aen de suytsij­de van ‘t voors. huys”. Huy­gens zal de huur van het huis onge­twij­feld opge­zegd heb­ben als hij in 1686 gesom­meerd wordt om zijn ambt neer te leg­gen en weer ver­trekt naar Den Haag.

Wil­hel­mi­na Ram van Schal­k­wijk
Wie aan het eind van de 17e eeuw eige­naar is, blijft onbe­kend. In 1771 is freu­le Hes­ter Wil­hel­mi­na Ram van Schal­k­wijk eige­naar van het per­ceel. Als mr. Johan Schilt­hou­wer van Hoey “een per­ceel land geleegen bin­nen Gorin­chem, langs de Fon­tein­straat (Pomp­straat), strek­ken­de van de Nieuwstraat af tot stads­graft toe, van­ouds genaamt den Dros­ten Heck” koopt voor het bedrag van fl. 2.000 is er op dat moment geen spra­ke meer van een huis. Toch ziet men op stads­plat­te­gron­den van 1744 en 1755 dui­de­lijk het huis afge­beeld met de bena­ming: Huis van Paf­fen­ro­de.

Sloop
Wan­neer men het huis sloop­te wordt mis­schien dui­de­lijk uit een mel­ding in het stads­ar­chief dat In 1756 Juli­a­na Bea­trix Ram van Schal­k­wijk, wedu­we van kapi­tein Fran­çois Antho­ni de Pas­sauw, hoogst­waar­schijn­lijk direct ver­want aan boven­ge­noem­de Hes­ter, een ver­zoek richt aan het stads­be­stuur. Zij ver­zoekt om twee hui­zen af te bre­ken onge­veer op de plaats van het Huis van Paf­fen­ro­de die al jaren onbe­woond waren en in een heel slech­te staat ver­keer­den. De rekwes­tran­te kreeg haar toe­stem­ming en we kun­nen aan­ne­men dat niet veel later de hui­zen gesloopt zul­len zijn. De 18e eeuw­se regen­ten van de stad beza­ten toen al lan­ge tijd geen inte­res­se meer in het huis dat zeker in de 17e eeuw een belang­rijk sym­bool van het ste­de­lijk patri­ci­aat zal zijn geweest. De tuin rond het huis bleef over, moge­lijk zal het per­ceel nog enke­le decen­nia als sla­t­uin gediend heb­ben.

Het per­ceel wis­sel­de nog een paar keer van eige­naar tot­dat het gemeen­te­be­stuur in 1826 over­ging tot de aan­koop van “een stuk bouw- en hove­niers­land, van­ouds bekend tegen een­en­een­hal­ve bun­der, doch vol­gens de nieu­we kadas­tra­le opme­ting groot bevon­den één bun­der, ééne roe­de en veer­tig ellen vier­kan­te Neder­land­sche maat en zijn­de van­ouds genaamd des Dros­ten Heck”

Afbeel­din­gen
Van het huis zijn een klein aan­tal afbeel­din­gen bekend. De vroeg­ste dateert uit 1600 en is te zien op de stads­kaart in vogel­vlucht­per­spec­tief van Wijdt­mans, het huis moet toen vlak na de vol­tooi­ing afge­beeld zijn. Heel dui­de­lijk is het hoofd­ge­bouw te zien dat oost-west geo­ri­ën­teerd is. Over de gehe­le leng­te van de zuid­kant van het huis zijn drie torens of uit­bou­wen geplaatst De twee wes­te­lij­ke uit­bou­wen lij­ken van gelij­ke groot­te te zijn, de der­de is min­der diep en springt in. In de hoek die zo ont­staat is een ingang zicht­baar. Het is moei­lijk te zien of het gebouw twee dan wel drie com­ple­te ver­die­pin­gen had. In ieder geval is er spra­ke geweest van een zol­der­eta­ge, te her­ken­nen aan een boven­licht en klei­ne raam­pjes in de punt onder de daken van zowel het hoofd­ge­bouw als de uit­bou­wen. Het hoofd­ge­bouw bezat aan de oost- en west­kant een trap­ge­vel. De uit­bou­wen ver­to­nen geen ver­sie­rin­gen aan de gevel.

Detail kaart Gorinchem door Nicolaas Wijdtmans (1600)

Detail kaart Nico­laas Wijdt­mans (1600)

Het huis had vol­gens de plat­te­grond een leng­te van iets min­der dan de helft van de breed­te van het per­ceel tus­sen de grach­ten langs de Pomp­straat en de Struis­vo­gel­straat. De leng­te van het huis zal dan bij­na 40 meter zijn geweest. Deze zeer for­se afme­ting zal het huis waar­schijn­lijk niet heb­ben gehad. Het zou bete­ke­nen dat het huis van Paf­fen­ro­de gro­ter is geweest dan de late­re Cita­del­ka­zer­ne! Wijdt­mans gaf klaar­blij­ke­lijk meer een impres­sie dan een accu­ra­te voor­stel­ling van het huis.

De lig­ging van het huis deel­de het per­ceel op in twee delen. Het groot­ste deel lag ten noor­den van het huis en bestond voor drie­kwart uit een boom­gaard. Ten noord­oos­ten van het huis lag een vier­kan­te sier­tuin. Ten zui­den van het huis lagen twee sier­tui­nen naast elkaar. De tui­nen lij­ken op de teke­ning vier­kant te zijn, het­geen inhoudt dat deze strook met de tui­nen onge­veer 35 meter breed moet zijn geweest Langs de gracht aan de oost­kant liep een bre­de straat of rij­pad met een breed­te van cir­ca 5 meter die men kon berei­ken via een brug die in het ver­leng­de lag van de Ari­ën Brand­steeg. Een ande­re brug bevond zich op de plaats waar ook nu nog de brug over de Schut­ters­gracht in de Toren­straat ligt. Nabij deze brug ston­den in de zuid­oost hoek van het per­ceel twee huis­jes van een à twee ver­die­pin­gen hoog. Van­af deze huis­jes liep een schut­ting of muur langs de zuid­zij­de van het per­ceel tot aan de gracht langs de Pomp­straat. Langs het rij­pad even­wij­dig langs de gracht van de Struis­vo­gel­straat stond even­eens een muur of schut­ting. In het mid­den van deze afschei­ding bevond zich een smal poort­ge­bouw­tje.
Op de stads­kaart van Bla­eu uit 1649 staat het huis ook afge­beeld. Het huis is hier klei­ner afge­beeld dan op de kaart van Wijdt­mans. De leng­te van het huis is hier­op een der­de van de breed­te van het per­ceel, onge­veer 27 meter.

Detail kaart Gorinchem door Joan Blaeu met het huis Paffenrode in het midden

Detail kaart Joan Bla­eu (1649) met het huis Paf­fen­ro­de in het mid­den

De details op de kaart van Bla­eu komen in gro­te lij­nen over­een met die van Wijdt­mans. Toch zijn er enke­le ver­schil­len te zien die iets meer over de archi­tec­tuur van het huis ver­dui­de­lij­ken. De drie uit­bou­wen aan de zuid­zij­de van het huis zijn van aflo­pen­de groot­te. Het lijkt erop dat aan de zuid­west­zij­de van het huis een vleu­gel is gebouwd. De oos­te­lij­ke uit­bouw is het kleinst waar­door een dui­de­lij­ke ver­tan­ding in de uit­bou­wen te zien is. Het huis lijkt niet hoger te zijn dan twee ver­die­pin­gen. Tus­sen het poort­ge­bouw­tje en het huis zijn in het ver­leng­de van het hoofd­ge­bouw aan weers­zij­den van een hof, een rij aan­een­ge­slo­ten klei­ne gebouw­tjes geplaatst die op de kaart van Wijt­mans nog niet te zien waren. Rond­om het gehe­le per­ceel is nu een muur geplaatst, ook langs de gracht langs de Pomp­straat. De inde­ling van de tuin is het­zelf­de geble­ven.

Detail kaart Gorinchem door J.M. Martini (ca 1745)

Detail kaart J.M. Mar­ti­ni (ca 1745)

De uit de eer­ste helft van de 18e eeuw ver­toont het huis van Paf­fen­ro­de zoals het waar­schijn­lijk was enke­le jaren voor de afbraak. Deze afbeel­ding geeft niet veel details. Dui­de­lijk weer­ge­ge­ven zijn de twee woon­la­gen en de drie­de­ling van de zij­ge­vel door de uit­bou­wen. De tuin aan de zuid­zij­de is in de Fran­se stijl aan­ge­legd. Of dit waar­heids­ge­trouw is, moet wor­den betwij­feld want zelfs de sla­t­ui­nen ten noor­den van de stad bui­ten de ves­te, zijn op deze kaart in deze over­vloe­di­ge stijl weer­ge­ge­ven. De boom­gaard is geble­ven doch klei­ner dan in de 17de eeuw. Tus­sen de boom­gaard en het huis bevindt zich nu een sier­tuin. Opmer­ke­lijk is dat alle ove­ri­ge klei­ne gebou­wen rond het huis van Paf­fen­ro­de zijn ver­dwe­nen. De stads­kaart in het werk van Van Zome­ren uit 1755 is goed beschouwd een kopie van. Hier en daar zijn wat details aan­ge­vuld en de tui­nen zijn bij­voor­beeld naar de toen­ma­li­ge Roco­co mode afge­beeld maar het huis van Paf­fen­ro­de is niet ver­an­derd. Waar­schijn­lijk ver­keer­de het huis al in een deplo­ra­be­le toe­stand want in 1756 wordt immers de sloop­ver­gun­ning aan­ge­vraagd en verleend.Ongetwijfeld zal het huis van Paf­fen­ro­de gedeel­te­lijk te zien zijn op de vele stads­ge­zich­ten en schil­de­rij­en uit de 17e eeuw. Het valt zelfs niet uit te slui­ten dat de gou­a­che van Jacob van der Ulft uit 1654 met de afbeel­ding van een kas­teel of land­huis in Gorin­chem niet alleen het Tol­huis maar ook ele­men­ten van het huis van Paf­fen­ro­de heeft afge­beeld.

Fantasievoorstelling van het Tolhuis door Jacob van der Ult (1654), The Fitzwilliam collection.

Fan­ta­sie­voor­stel­ling van het Tol­huis door Jacob van der Ulft (1654), The Fit­zwil­li­am col­lec­ti­on.

Kazer­ne

Willemskazerne te Gorinchem (ca 1900)

Wil­lems­ka­zer­ne (ca 1900), Regi­o­naal Archief Gorin­chem.

Tot het ein­de van de 17e eeuw wor­den mili­tai­ren in de Neder­land­se ves­ting­ste­den onder­ge­bracht in barak­ken, bom­vrije kel­ders, leeg­staan­de gebou­wen, zoals ker­ken en kloos­ters, of hui­zen van bur­gers, de zoge­naam­de inkwar­tie­ring. Pas in 1685, enke­le decen­nia nadat de huur­le­gers gro­ten­deels zijn ver­van­gen door staan­de legers, die per­ma­nent inzet­baar zijn, bepaalt Lode­wijk XIV dat de infan­te­rie voort­aan in kazer­nes moet wor­den gele­gerd. In Frank­rijk en ande­re Euro­pe­se lan­den ver­schij­nen daar­op de eer­ste gebou­wen die spe­ci­aal zijn bestemd voor de huis­ves­ting van sol­da­ten.

In Gorin­chem duurt het nog tot 1826 voor de stad de eer­ste kazer­ne laat bou­wen. Dit ondanks het feit dat de behoef­te aan lege­rings­ruim­te na de Fran­se bezet­ting in 1795 sterk toe­neemt. Ter­wijl elders in het land vele nieu­we kazer­nes ver­rij­zen, ook in ver­band met de invoe­ring van de loting voor mili­tai­re dienst in 1810, neemt Gorin­chem gedu­ren­de de Fran­se tijd (1795–1814) haar toe­vlucht tot het huren van par­ti­cu­lie­re gebou­wen, meest­al een­vou­di­ge pak­hui­zen en schu­ren. Na de Fran­se tijd, die niet zon­der scha­de aan de stad voor­bij was gegaan, richt­te Gorin­chem zich op een nieu­we mili­tai­re rol. De gemeen­te gaf opdracht voor de bouw van de kazer­ne en finan­cier­de het pro­ject voor fl. 92.000 om zodoen­de de ste­de­lij­ke eco­no­mie ook te sti­mu­le­ren.

Wil­lems­ka­zer­ne
Men begon in 1826 met de bouw van de Wil­lems­ka­zer­ne die tot 1969 zou blij­ven staan. In het gebouw kon­den 900 man­schap­pen van de infan­te­rie onder­ge­bracht wor­den. Al na enke­le jaren was het aan­tal bewo­ners tot 1100 geste­gen en dien­de het gebouw opnieuw inge­richt te wor­den. Men bracht gaan­de­rij­en aan in de kamers en maak­te op die wij­ze ruim­te voor bij­na 2000 man. Maar de toe­ge­no­men huis­ves­tings­ca­pa­ci­teit ver­oor­zaak­te ook pro­ble­men met de opslag van kle­ding. Men week daar­voor uit naar een nieuw onder­ko­men aan de West­wa­gen­straat, de zoge­naam­de Smak­heul­ka­zer­ne. Aan het ein­de van de 19e eeuw vol­de­den de Wil­lems- en de Smak­heul­ka­zer­ne niet meer aan de eisen van de tijd. De infan­te­rie had onder­tus­sen in 1879 haar plaats afge­staan aan het onder­deel ves­ting­ar­til­le­rie.

Cita­del­ka­zer­ne
De Cita­del­ka­zer­ne bouw­de men in 1900–1901 voor een bedrag van fl. 66.700. De kazer­ne ver­rees gedeel­te­lijk over de gedemp­te gracht langs de Toren­straat en tegen­over de Nieuw­stad om het exer­ci­tie­ter­rein zo groot moge­lijk te hou­den. De poort die tot dan toe van­uit de Toren­straat toe­gang tot het ter­rein ver­schaf­te, ver­plaatste men naar de Struis­vo­gel­straat waar hij tot het eind van 1997 gestaan heeft.

Citadelkazerne Gorinchem circa 1913

Cita­del­ka­zer­ne cir­ca 1913, Regi­o­naal Archief Gorin­chem.

De tota­le bezet­ting van de vier kazer­nes in Gorin­chem bedroeg rond de eeuw­wis­se­ling 650 man, veel min­der dan 70 jaar eer­der. Ondanks het gerin­ge­re aan­tal man­schap­pen, bleef de eco­no­mi­sche rol van de mili­tai­ren voor­al voor de mid­den­stand van groot belang.

Uit­brei­din­gen
Gedu­ren­de de eer­ste helft van de 20e eeuw ver­sche­nen er steeds meer gebou­wen op het ter­rein. In 1917 begon men met de bouw van de adjud­ant­wo­ning die in de zuid­oost hoek van het plein geplaatst werd. Tege­lij­ker­tijd maak­te men een begin met de con­struc­tie van een kan­ti­ne die haar plaats kreeg tus­sen de bei­de gro­te Kazer­nes in, langs de Pomp­straat.

Later breid­de men de bebou­wing ver­der uit met een wacht- en gym­nas­tiek­lo­kaal aan de oost­kant van het plein. Een opmer­ke­lijk klein bouw­sel sier­de het Kazer­ne­ter­rein van­af 1903. Het was geplaatst aan de gracht langs de Pomp­straat. Het betrof een monu­ment ont­wor­pen door Edu­ard Cuy­pers, ter her­in­ne­ring aan lui­te­nant Ger­rit Bol­dingh, ooit opge­leid in Gorin­chem, die in de Twee­de Boe­ren­oor­log in Zuid-Afri­ka de kant koos van de Boe­ren en op 19 decem­ber 1901 op 30 jari­ge leef­tijd te Naauw­poort (Zuid-Afri­ka) sneu­vel­de.  De bank van gepo­lijst gra­niet ver­plaatste men voor de bouw van de kan­ti­ne naar de tegen­over­lig­gen­de zij­de van het plein, tus­sen de poort en de adjud­ant­wo­ning.

De Boldingh bank door Eduard Cuypers (1903) te Gorinchem

De Bol­dingh bank door Edu­ard Cuy­pers (1903), Regi­o­naal Archief Gorin­chem.

Op de situ­a­tie­kaart van decem­ber 1956 is de bebou­wing op het plein op haar hoog­te­punt afge­beeld, naast de reeds genoem­de gebou­wen treft men res­pec­tie­ve­lijk een bran­card­loods, een pri­vaat­ge­bouw, een poets- en schil­loods, een bad­in­rich­ting en rij­wiel­stal­lin­gen aan. De rol die Gorin­chem als gar­ni­zoens­plaats bekleed­de heeft dan ech­ter zijn lang­ste tijd gehad. De ves­ting is niet lan­ger van belang voor de lands­ver­de­di­ging. Toch blijft een deel van de ves­ting­wer­ken nog tot 1959 gehand­haafd omdat zij onder­deel uit­maak­ten van de Nieu­we Hol­land­se Water­li­nie. De gebou­wen en func­ties van de gehuis­ves­te leger­on­der­de­len zijn dan eigen­lijk al zo ver­ou­derd dat het nog een kwes­tie van tijd was voor de Land­macht de stad zou ver­la­ten. Toch was het de gemeen­te die het Minis­te­rie van Defen­sie bena­der­de met het ver­zoek om een ein­de te maken aan de gar­ni­zoens­func­tie van Gorin­chem. Het besluit van de gemeen­te voor dit ver­zoek was een gevolg van de behoef­te aan nieu­we huis­ves­ting om de woning­nood die bestond in de jaren vijf­tig en zes­tig te kun­nen leni­gen.

Op 9 novem­ber 1967 streek het leger voor het laatst de vlag op het Kazer­ne­plein, na bij­na vier­hon­derd jaar een belang­rij­ke rol bin­nen de ves­te te heb­ben bekleed.

Strijken van de vlag kazerne Gorinchem 9 november 1967

Strij­ken van de vlag 9 novem­ber 1967, Regi­o­naal Archief Gorin­chem

Sloop
De sloop van de kazer­nes op het Kazer­ne­plein begon in 1969 en een jaar later rest­te alleen nog de adjud­ant­wo­ning. Na de ont­man­te­ling en sloop van alle ove­ri­ge mili­tai­re gebou­wen bleef het Kazer­ne­plein zoals het kazer­ne­ter­rein pas in de 20e eeuw genoemd werd, nog een tijd onge­bruikt in afwach­ting van een nieu­we bestem­ming. Hoe­wel de gemeen­te eerst haast maak­te met de sloop bleek men al in 1970 min­der nood­zaak te zien in nieuw­bouw op het kazer­ne­ter­rein. Aan de zij­de van de Pomp­straat bouw­de men het nieu­we poli­tie­bu­reau, het ove­ri­ge deel van het Kazer­ne­plein zou tot aan de zomer van 1997 in gebruik blij­ven als par­keer­ter­rein. In augus­tus 1997 begon­nen de werk­zaam­he­den voor de nieu­we inrich­ting en bebou­wing van de voor­ma­li­ge “Dros­ten Heck” met de sloop van de adjud­ant­wo­ning, het laat­ste bouw­sel dat nog her­in­ner­de aan de bepa­len­de mili­tai­re his­to­rie van Gorin­chem

Publi­ca­ties

A. Broe­ken
Gor­cum­se bodem­schat­ten; arche­o­lo­gi­sche speur­tocht naar de geschie­de­nis van de Arkel­stad; Gor­cum­se Monu­men­ten­reeks; Gorin­chem; 2006; p. 32–39.
Flip­book | PDF (3MB)

P.M. Floo­re
Opgra­ving Huis van Paf­fen­ro­de, Kazer­ne­plein, Gorin­chem 1997; Rot­ter­dam; augus­tus 1998.
Flip­book | PDF (6,10 MB)

H. van Haas­ter & K. Hän­ni­nen
Plant­aar­dig­he­den onder het Kazer­ne­plein, resul­ta­ten van het arche­o­bo­ta­nisch onder­zoek aan de beer­kel­der van het Huis van Paf­fen­ro­de in Gorin­chem; BIAXaal 68; Amster­dam; sep­tem­ber 1998.
Flip­book | PDF (487 KB)

Th. de Jong
Die­ren op het plein, opge­gra­ven dier­res­ten van het Kazer­ne­plein te Gorin­chem; Arche­o­Ser­vi­ce Rap­port nr. 7; Eind­ho­ven; juni 1998; .
Flip­book | PDF (2,23 MB)

J. van Oost­veen
Loden voor­wer­pen van de opgra­ving Kazer­ne­plein (1997) te Gorin­chem; Tiel; 2010.
Flip­book | PDF (4 MB)

J. van Oost­veen
Tabaks­pij­pen van de opgra­ving Kazer­ne­plein (1997) te Gorin­chem; intern rap­port; Tiel; 2010.
Flip­book | PDF (4,7 MB)

T.A. Spit­zers
Die Kon­stan­zer Paternosterleisten–Analyse zur Tech­nik und Wirt­schaft im spät­mit­tel­al­ter­li­chen Hand­werk der Kno­chen­per­len­bohrer; Fund­be­rich­te aus Baden-Würt­tem­berg 33; 2013; S. 913, 926.
Flip­book | PDF (19MB)

Foto’s

« 1 van 2 »

Media

07-08-2001 De Stad Gorin­chem
Gla­zen met geschie­de­nis
In de eta­la­ge van Gale­rie Joke van Lies­hout staat op het moment een rij­tje gla­zen, die afkom­stig zijn uit de opgra­vin­gen op het Kazer­ne­plein.
Lees meer...

02-09-1998 De Dord­te­naar
Expo­si­tie Schat­ten: resul­taat mon­ni­ken­werk
De eer­ste resul­ta­ten van het mon­ni­ken­werk dat de vrij­wil­li­gers van de Arche­o­lo­gi­sche Werk­groep Gorin­chem heb­ben ver­richt, zijn van­af vrij­dag te zien in het stad­huis.
Lees ver­der...

15-04-1998 Gor­cum­se Cou­rant
Opgra­vin­gen Kazer­ne­plein
In de maan­den augus­tus en sep­tem­ber van het vori­ge jaar is met mede­wer­king van de gemeen­te Gorin­chem arche­o­lo­gisch onder­zoek uit­ge­voerd op het Kazer­ne­plein, ter voor­be­rei­ding van het bouw­rijp maken van het voor­ma­li­ge par­keer­ter­rein in het hart­je van de stad.
Lees ver­der...

09-11-1997 Gor­cum­se Cou­rant
Werk aan het kazer­ne­plein brengt oude voor­wer­pen aan het licht
De graaf­werk­zaam­he­den op het Kazer­ne­plein vin­den gestaag voort­gang en heb­ben de afge­lo­pen tijd menig voor­bij­gan­ger doen stil­staan.
Lees ver­der...

14-10-1997 Kom­pas Aktief
Res­ten van Gor­cums erf­goed komen boven
Het his­to­risch erf­goed van Gorin­chem zal de komen­de tijd een stuk vol­le­di­ger kun­nen wor­den getoond.
Lees ver­der...

17-09-1997 TV Rijn­mond
Dief­stal arche­o­lo­gi­sche vond­sten

10-09-1997 Gor­cum­se Cou­rant
Opgra­ving Gorin­chem in Streek­ma­ga­zi­ne
In het actu­a­li­tei­ten­pro­gram­ma Streek­ma­ga­zi­ne van Radio Gies­sen­lan­den en de Rano wordt zater­dag 13 sep­tem­ber aan­dacht besteed aan de arche­o­lo­gi­sche opgra­vin­gen bij het Kazer­ne­plein.
Lees ver­der...

Gor­cum­se Cou­rant
Arche­o­lo­gen op Kazer­ne­plein van vond­sten besto­len
De arche­o­lo­gen op het Kazer­ne­plein in Gorin­chem zijn ern­stig gedu­peerd door dief­stal van­af het onder­zoeks­veld.
Lees ver­der...

09-09-1997 Kom­pas Aktief
Opgra­vin­gen Kazer­ne­plein afge­rond, opgra­vers kwaad na roof uit beer­put
De laat­ste dagen van de opgra­vin­gen van het Huis van Paf­fen­ro­de op het Gor­cum­se Kazer­ne­plein beleef­den de arche­o­lo­gen en vrij­wil­li­gers aan­ge­sla­gen.
Lees ver­der...

09-09-1997 De Dord­te­naar
Die­ven arche­o­lo­gi­sche vond­sten geen ama­teurs
De die­ven die vori­ge week de opgra­ving bij het 17e eeuw­se Huis van Paf­fen­ro­de in Gorin­chem plun­der­den, zijn waar­schijn­lijk pro­fes­si­o­nals.
Lees ver­der...

08-09-1997 De Dord­te­naar
Die­ven ste­len vond­sten van arche­o­lo­gen
De Arche­o­lo­gi­sche Werk­groep Gorin­chem heeft door dief­stal voor dui­zen­den gul­dens scha­de gele­den. Op het opgra­vings­ter­rein aan het Gor­cum­se Kazer­ne­plein heb­ben onbe­ken­den diver­se arche­o­lo­gi­sche vond­sten mee­ge­no­men.
Lees ver­der...

04-09-1997 De Dord­te­naar
Op zoek naar tul­pen in Paf­fen­ro­de­tuin
De vrij­wil­li­gers van de Arche­o­lo­gi­sche Werk­groep Gorin­chem leg­gen van­daag en mor­gen de laat­ste hand aan de opgra­vin­gen op het Kazer­ne­plein.
Lees ver­der...

02-09-1997 Kom­pas Aktief
Arche­o­lo­gen tot elle­bo­gen in uit­werp­se­len, vies werk in beer­kel­der Huis Paf­fen­ro­de
De hele vori­ge week zijn de onder­zoe­kers van het Huis van Paf­fen­ro­de op het Gor­cum­se Kazer­ne­plein, bezig geweest met het zeven van de zak­ken beer (poep).
Lees ver­der...

28-08-1997 De Dord­te­naar
Bou­wer Huis Paf­fen­ro­de was een ver­mo­gend man
De vondst van het Huis van Paf­fen­ro­de is er niet een uit de reeks van vele. Arche­o­loog Pie­ter Floo­re, belast met het onder­zoek op het Gor­cum­se Kazer­ne­plein, komt al gra­ven­de tot de ont­dek­king dat de bewo­ners niet de min­sten waren in de Gor­cum­se samen­le­ving.
Lees ver­der...

26-08-1997 Kom­pas Aktief 
Bij­zon­de­re ont­dek­king bij Huis van Paf­fen­ro­de
De arche­o­lo­gen op het Gor­cum­se Kazer­ne­plein, die gra­ven naar het Huis van Paf­fen­ro­de, heb­ben vori­ge week een bij­zon­de­re ont­dek­king gedaan.
Lees ver­der...

22-08-1997 De Dord­te­naar
Met han­den vol smur­rie grab­be­len naar vond­sten
De vrij­wil­li­gers van de Gor­cum­se arche­o­lo­gi­sche werk­groep had­den gis­te­ren hun han­den vol met het zoe­ken naar stuk­jes glas, scherf­jes en stok­jes in de gro­te brij blub­ber die uit de beer­put op het Kazer­ne­plein kwam.
Lees ver­der...

20-08-1997 Gor­cum­se Cou­rant
Spo­ren van vroe­ger
Alweer ander­hal­ve week gele­den start­te de werk­groep arche­o­lo­gie van de gemeen­te Gorin­chem o.l.v. de arche­o­loog drs. Pie­ter Floo­re van de Uni­ver­si­teit van Amster­dam met de opgra­ving van het huis Paf­fen­ro­de op het Kazer­ne­plein.
Lees ver­der...

20-08-1997 De Dord­te­naar
Beer­put ont­dekt op Gor­cums Kazer­ne­plein
Aten Jon­ker Jacob van Paf­fen­ro­de en zijn vrouw Wil­hel­mi­na van Arc­kel vis bij de vleet, of kozen ze voor bief­stuk? De beer­put die gis­te­ren op het Kazer­ne­plein in Gorin­chem werd ont­dekt, zou die gehei­men moge­lijk kun­nen ont­hul­len.
Lees ver­der...

19-08-1997 Kom­pas Aktief
Kazer­ne­plein geeft gehei­men bloot
Vori­ge week maan­dag start­te de werk­groep Arche­o­lo­gie van de gemeen­te Gorin­chem met de opgra­ving naar het Huis Paf­fen­ro­de op het Kazer­ne­plein.
Lees ver­der...

16-08-1997 De Dord­te­naar
Floo­re en Veen niet onte­vre­den over speur­werk eer­ste week
Arche­o­loog Pie­ter Floo­re en Mar­tin Veen van de Stich­ting His­to­risch Bodem­on­der­zoek zijn niet onte­vre­den over de eer­ste week speu­ren naar Paf­fen­ro­de..
Lees ver­der...

15-08-1997 De Dord­te­naar
Huis Paf­fen­ro­de bloot­ge­legd?
De arche­o­lo­gi­sche werk­groep van Gorin­chem stoot­te maan­dag al op een stuk­je muur, maar de dagen erna kwa­men er veel meer fun­da­men­ten boven.
Lees ver­der...

14-08-1997 De Dord­te­naar
Ik kan dit werk ieder­een aan­be­ve­len
Tiny Wij­nen (64) is een van de vrij­wil­li­gers zon­der wie de speur­tocht naar het Huis Paf­fen­ro­de een moei­za­me zou wor­den. De Gor­cu­me graaft met een tien­tal ande­ren sinds maan­dag naar de spo­ren van het 16e eeuw­se land­huis.
Lees ver­der...

13-08-1997 De Dord­te­naar
Boom­wor­tels geven 18e eeuws aar­de­werk bloot
De wor­tels van een boom bezorg­den arche­o­loog Pie­ter Floo­re en de vrij­wil­li­gers die op zoek zijn naar de res­ten van Huis Paf­fen­ro­de gis­te­ren de ver­ras­sing van de dag. Tus­sen de kron­ke­li­ge uit­steek­sels ont­dek­ten ze een gro­te hoe­veel­heid acht­tien­de eeuws vaat­werk.
Lees ver­der...

12-08-1997 De Dord­te­naar
Muur­res­ten en aar­de­werk gevon­den
Muur­res­ten, goed­koop aar­de­werk en bewerk­te run­der­bot­jes zijn de eer­ste vond­sten die arche­o­loog Pie­ter Floo­re en een tien­tal vrij­wil­li­gers gis­te­ren deden op het Kazer­ne­plein.
Lees ver­der...

09-08-1997 De Dord­te­naar
Arche­o­lo­gi­sche werk­groep begint maan­dag met onder­zoek
Ama­teur-arche­o­loog Mar­tin Veen (35) en zijn collega’s van de Gor­cum­se arche­o­lo­gi­sche werk­groep heb­ben al een jaar werk ach­ter de rug als maan­dag de graaf­ma­chi­ne de eer­ste grond­laag van het Kazer­ne­plein ver­wij­dert.
Lees ver­der...

29-07-1997 Kom­pas Aktief
Arche­o­lo­gen aan de slag op het Kazer­ne­plein
Arche­o­lo­gen krij­gen in augus­tus vier weken de tijd om de grond onder het Kazer­ne­plein te onder­zoe­ken. Dit gebeurt onder lei­ding van de arche­o­loog Pie­ter Floo­re, die ook was inge­scha­keld bij het onder­zoek op de Blij­en­hoek.
Lees ver­der...

15-07-1997 De Dord­te­naar
Kazer­ne­plein ver­an­dert deze maand in bouw­put
Het Kazer­ne­plein wordt nog deze maand afge­slo­ten als par­keer­ter­rein.
Lees ver­der...

09-07-1997 Gor­cum­se Cou­rant
Kazer­ne­plein bij­na bouw­rijp
Arche­o­lo­gen op zoek naar land­goed Paf­fen­ro­de.
Lees ver­der...

08-07-1997 Kom­pas Aktief
Speu­ren naar ver­le­den op Kazer­ne­plein
Na de zeer suc­ces­vol­le opgra­vin­gen aan de Blij­en­hoek, Var­ken­markt en Dalem­se­dijk begint de Werk­groep Arche­o­lo­gie van de gemeen­te Gorin­chem aan een nieuw pro­ject.
Lees ver­der...

Met­a­da­ta

 

Archisnummer(s):onder­zoek­mel­dings­num­mer: 1626
Topo­gra­fi­sche Kaart:38G
Coo­r­di­na­ten:126.280/426.860 (cen­trum)
Topo­niem:Kazer­ne­plein
Plaats:Gorin­chem
Gemeen­te:Gorin­chem
Pro­vin­cie:Zuid-Hol­land
Type onder­zoek:Arche­o­lo­gi­sche opgra­ving
Uit­voer­der:P.M. Floo­re, Rot­ter­dam
Pro­ject­lei­der:P.M. Floo­re
Opdracht­ge­ver:Gemeen­te Gorin­chem
Bevoegd gezag:-
Aan­vang onder­zoek:11 augus­tus-5 sep­tem­ber 1997
Vond­sten & docu­men­ta­tie:Arche­o­lo­gisch depot Gorin­chem
DANS:-

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.