Arkels­edijk (2012)

Onder­zoek

Arkelsedijk Gorinchem

Arkels­edijk

In opdracht van Zig­go B.V. is door Hol­lan­dia arche­o­lo­gen in maart/april 2012 een arche­o­lo­gisch bureau­on­der­zoek en inven­ta­ri­se­rend veld­on­der­zoek d.m.v. borin­gen uit­ge­voerd voor twee per­ce­len langs de Arkels­edijk te Gorin­chem. De reden voor het onder­zoek was de geplan­de bouw van een bedrij­ven­pand waar­bij de bodem tot een diep­te van 2 m zou wor­den geroerd. Daar­naast treed­de er moge­lijk een bodem­ver­sto­ring op door het slaan van hei­pa­len.

Uit het arche­o­lo­gisch bureau­on­der­zoek is geble­ken dat de plan­lo­ca­tie zich op de wes­te­lij­ke oever­wal van de Lin­ge bevindt. Op deze oever­wal kun­nen arche­o­lo­gi­sche res­ten uit de late ijzer­tijd, Romein­se tijd en/of de vroe­ge mid­del­eeu­wen wor­den ver­wacht. Aan het begin van de 14de eeuw werd er over deze oever­wal de Arkels­edijk aan­ge­legd, waar­bij het plan­ge­bied bui­ten­dijks kwam te lig­gen. Het ter­rein is daar­na waar­schijn­lijk in gebruik geno­men als akker-, wei- of bos­land. Uit 19de-eeuw­se bron­nen blijkt dat er van­af de oevers gevist werd.

Boor­on­der­zoek
Omdat de geplan­de werk­zaam­he­den de ver­wach­te arche­o­lo­gi­sche res­ten zou­den ver­sto­ren, werd het arche­o­lo­gisch ver­wach­tings­mo­del getoetst aan de hand van een kar­te­rend boor­on­der­zoek.

Het boor­on­der­zoek heeft uit­ge­we­zen dan er bin­nen het plan­ge­bied geen arche­o­lo­gi­sche res­ten aan­we­zig zijn die door de geplan­de werk­zaam­he­den zul­len wor­den ver­stoord. De boven­ste 0,5 tot 1,5 m bestaat uit een recen­te­lijk geroer­de laag. De ver­wach­te oever­wal is alleen in het oos­te­lijk deel van het plan­ge­bied aan­ge­trof­fen en was waar­schijn­lijk afge­topt. Daar­naast zijn er geen arche­o­lo­gi­sche indi­ca­to­ren aan­ge­trof­fen die wij­zen op de aan­we­zig­heid van arche­o­lo­gi­sche res­ten in de bodem.

Op basis van het boor­on­der­zoek is gead­vi­seerd om het plan­ge­bied vrij te geven. Er behoef­de geen arche­o­lo­gisch ver­volg­on­der­zoek uit­ge­voerd te wor­den. Wel moest de uit­voer­der van de werk­zaam­he­den op de hoog­te wor­den gebracht van de plicht om toe­vals­vond­sten bij uit­voe­ring van het grond­werk te mel­den bij de bevoeg­de over­heid, zoals aan­ge­ge­ven in de Monu­men­ten­wet 1988, arti­kel 53, lid 1.

Publi­ca­tie

Son­ders, M. (2012)
Arche­o­lo­gisch bureau­on­der­zoek en inven­ta­ri­se­rend veld­on­der­zoek door mid­del van borin­gen op de Arkels­edijk te Gorin­chem, gemeen­te Gorin­chem, Hol­lan­dia reeks 409, Zaan­dijk
Flip­book | PDF (4,27 MB)

Met­a­da­ta

 

Archisnummer(s):51125 (OM)
Topo­gra­fi­sche Kaart:38G
Coo­r­di­na­ten:127.475/428.730
127.500/428.755
127.522/428.734
127.515/428.722
Topo­niem:Arkels­edijk
Plaats:Gorin­chem
Gemeen­te:Gorin­chem
Pro­vin­cie:Zuid-Hol­land
Type onder­zoek:Bureau­on­der­zoek en kar­te­rend boor­on­der­zoek
Uit­voer­der:Hol­lan­dia Arche­o­lo­gen, Zaan­dijk
Pro­ject­lei­der:Drs. P.M. Floo­re
Opdracht­ge­ver:Zig­go B.V.
Bevoegd gezag:Gemeen­te Gorin­chem
Aan­vang onder­zoek:Maart/april 2012
Vond­sten & docu­men­ta­tie:Arche­o­lo­gisch depot Gorin­chem
DANS:https://doi.org/10.17026/dans-znp-3nxe

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.