---
title: "Kwekelstraat 16 | synagoge (2000)"
date: 2021-03-06T07:32:59Z
modified: 2025-08-03T09:57:25Z
permalink: "https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/"
type: page
status: publish
excerpt: ""
wpid: 1165
featured_image: /wp-content/uploads/2017/01/synagoge6_bewerkt-1.jpg
featured_image_alt: Voormalige synagoge aan de Kwekelstraat te Gorinchem
parent: 335
ancestors:
  - 335
children:
  - 4362
  - 4360
  - 4358
  - 4356
  - 4354
  - 4352
  - 4350
  - 4348
  - 4346
  - 4344
  - 4342
timestamp: 2025-08-03T09:57:25Z
tags: []
---

## Geschie­de­nis

**In febru­ari 2000 werd het arche­o­lo­gi­sche onder­zoek naar de oude syna­goge aan de Kwe­kel­straat in Gorin­chem door een jour­na­list tref­fend omschre­ven als een “Opgra­ving naar eer­gis­te­ren”. Voor het eerst werd bewust gezocht naar een gebouw dat nog geen halve eeuw eer­der was afgebroken.**

Afge­zien van enkele foto’s en bouw­te­ke­nin­gen her­in­nert in Gorin­chem nau­we­lijks iets aan deze joodse gebedsplaats.

[![Synagoge Kwekelstraat Gorinchem 1900-1910 F14104.1](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2025/02/Synagoge-Kwekelstraat-Gorinchem-1900-1910-F14104.1-183x250.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem F14104.1")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2025/02/Synagoge-Kwekelstraat-Gorinchem-1900-1910-F14104.1.jpg)Syna­goge Kwe­kel­straat Gorin­chem ca. 1900 – 1910.



De syna­goge werd in 1958 gesloopt van­wege stads­sa­ne­ring. Door de enorme afname van de joodse gemeen­schap na de Tweede Wereld­oor­log was het behoud niet lan­ger haal­baar. Het ter­rein werd ver­vol­gens 42 jaar als par­keer­plaats gebruikt.

## Win­kels

Toen pro­ject­ont­wik­ke­laar ING-Vast­goed het ter­rein wilde bebou­wen met win­kels, vormde dat de aan­lei­ding tot nader onder­zoek naar de fun­da­men­ten van het gebouw. Hoe­wel veel res­ten in 1958 bij de sloop ver­lo­ren gin­gen, kon de plat­te­grond gro­ten­deels wor­den vast­ge­steld. Belang­rijk was de vondst van het vrij­wel intact geble­ven ritu­ele bad (mikwe), dat behou­den werd en een nieuwe plek kreeg bin­nen de nieuw­bouw op het terrein.



  

 

 

_3D recon­struc­tie syna­goge door rab­bijn ing. I. Tal van Kekem, Gorin­chem © 2024._

## Eer­ste Joden in Gorinchem

Hoe lang er Joden geves­tigd waren in Gorin­chem is niet pre­cies bekend. Dui­de­lijk is in ieder geval dat in 1686 een Jood zich liet beë­di­gen als poor­ter. In de loop van de 18e eeuw ves­tig­den zich spo­ra­disch nieuwe Joodse bur­gers in de stad die allen de zoge­naamde _Joden­eed_ afleg­den. Door de raad van de Bataafse Repu­bliek werd deze eed en ach­ter­stel­ling afge­schaft en wer­den de Joden gelijk­ge­steld als Bataafs bur­ger. Het oud­ste bewijs van een bestaan van een kille in Gorin­chem is de inschrij­ving van Salo­mon, zoon van Levi Mozes Hartog en Saartje Salo­mon in 1787 in het geboor­te­re­gis­ter van de Hoog­duit­sche of Isra­ë­li­ti­sche Gemeente bin­nen Gorin­chem. In 1788 ves­ti­gen zich 6 Joodse bur­gers in de stad, even­veel als in de voor­gaande 102 jaar ! Deze plot­se­linge toe­name was moge­lijk het gevolg van een ver­an­de­rende poli­tiek die door het stads­be­stuur gevoerd werd ten aan­zien van de joden en waar­van het geboor­te­re­gis­ter een eer­ste bewijs is.

[![Achterzijde synagoge Kwekelstraat Gorinchem, fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13770.1-900x637.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem F13770")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13770.1.jpg)Ach­ter­zijde syna­goge ca. 1950 – 1958



### Begraaf­plaats

In 1795 volgde het ver­zoek van de Joodse inge­ze­te­nen om hun doden bin­nen of nabij Gorin­chem te begra­ven. Voor die tijd dien­den de over­le­de­nen nog dezelfde dag naar de begraaf­plaats in Leer­dam gebracht te wor­den. Het ver­zoek van de joodse gemeente was klaar­blij­ke­lijk inge­wil­ligd want tus­sen 1803 en 1811 wer­den er Joden begra­ven op de stads­wal. De pre­cieze loca­tie van deze begraaf­plaats is niet meer bekend maar moge­lijk komen bas­tion IV of bas­tion V voor de plaats in aan­mer­king. Lang­zaam maar zeker weten de joden aan het einde van de 18e en het begin van de 19e eeuw hun plaats te ver­wer­ven als bur­gers van de stad Gorin­chem. In 1809 bezat de Hol­landsch Hoog­duitsch-Isra­ë­li­ti­sche Gemeente niet min­der dan 78 leden het­geen een aan­zien­lijke voor­uit­gang was ten opzichte van 1788.

Na 1814 res­sor­teerde Gorin­chem onder de hoofd­sy­na­goge van Rot­ter­dam. In het­zelfde jaar wist men ook een nieuwe en rui­mere begraaf­plaats bui­ten de wal­len aan de Arkels­edijk te ver­wer­ven. In Gorin­chem ont­brak ech­ter een vaste ont­moe­tings­plaats. Een syna­goge bestond niet, hoe­wel men die op grond van de grootte van de gemeente of kille al geruime tijd had kun­nen inrich­ten. Een joodse gods­dienst­oe­fe­ning ver­eist een mini­mum van tien man­nen (de zoge­naamde min­jan) en die omvang bezat de kille al bijna 20 jaar.

[![Ingang Joods kerkhof aan de Arkelsedijk](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/syn_kerkhofgroot-900x690.jpg "Foto Martin Veen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/syn_kerkhofgroot.jpg)Ingang Joods kerk­hof aan de Arkels­edijk (2016)



### Syna­goge

Het is niet dui­de­lijk waar tot aan die tijd de ere­dienst bin­nen de stad werd uit­ge­voerd. Men slaagde er uit­ein­de­lijk in om een ver­la­ten kerk op een ach­ter­erf aan de Haven­dijk te kopen en op 20 juni 1817 kon men de eer­ste syna­goge inwij­den. De kerk bleek een bouw­val en na 20 jaar besloot de onder­tus­sen aar­dig in omvang toe­ge­no­men kille om te zien naar een andere loca­tie om een nieuwe syna­goge te kun­nen bouwen.

Met sub­si­dies van rijk en gemeente en een inza­me­ling onder de eigen leden lukte het om in 1840 voor f. 6.938,40 twee per­ce­len aan de Kwe­kel­straat te kopen waar uit­ein­de­lijk in 1841 een geheel nieuw gebouw zou ver­rij­zen dat in 1842 (5602) door de Rot­ter­damse opper­rab­bijn Ema­nuel ben Cha­jim Löwen­stam met groot cere­mo­ni­eel kon wor­den inge­wijd. Het was een waar­dig gebouw waar de 130 leden met recht trots op kon­den zijn. De oude woning die op het per­ceel ten oos­ten van de syna­goge stond knapte men op en richtte men in als Hebreeuwse school. De afge­le­gen loca­tie op het ach­ter­erf aan de Haven­dijk was inge­ruild voor een plaats tus­sen de andere ker­ken in het hart van Gorin­chem die de geac­cep­teerde posi­tie van de Joodse Gor­cu­mers onderstreepte.

In 1902 werd een nieuw pand aan de west­zijde van de syna­goge gebouwd (tegen­woor­dig Kwe­kel­straat 24 – 26). Het bestond uit een bene­den- en boven­wo­ning, onder andere huis­ves­ting bie­dend aan de fami­lies Kal­ker, De Leeuw, Meijer en Poons. Ook werd hier een nieuw bad­huis inge­richt. Hoe lang dit bad nog is gebruikt is niet bekend. Hoe­wel dit pand onder­tus­sen een aan­tal keren werd ver­bouwd, is het aan­ne­me­lijk dat het bad zich nog onder de opka­mer in de woning bevindt.

[![Synagoge Gorinchem Kwekelstraat 16, fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13771.1-900x607.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem F13775")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13771.1.jpg)Syna­goge aan de Kwe­kel­straat circa 1950 – 1958



De syna­goge aan de Kwe­kel­straat was in gebruik tus­sen 1842 en ca. 1950. Na de Tweede Wereld­oor­log en de depor­ta­ties waren er niet vol­doende Joden terug­ge­keerd om de kille in stand te hou­den. In 1955 ver­kocht men het gebouw en het bij­be­ho­rende school­tje aan de gemeente. De gemeente sloopte de afge­ta­kelde syna­goge in maart 1958. In het kader van stads­sa­ne­ring en de bouw van het the­a­ter de Nieuwe Doe­len moest het gebouw wij­ken. De daarop vol­gende 42 jaar deed het ter­rein dienst als par­keer­plaats. Van het gebouw is niet veel bewaard geble­ven. Er rest nog een wind­vaan met het jaar­tal 5601 (1842), twee her­in­ne­rings­ste­nen uit de gevel en drie gebrand­schil­derde glas in lood ramen die in het depot van het Gor­cums Museum verblijven.

[![Voorgevel, fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13775.1-853x1024.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem.")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13775.1.jpg)Voor­ge­vel syna­goge ca. 1950 – 1958.



## Inte­ri­eur

In de joodse reli­gie vormt de syna­goge een cen­trale plaats van samen­komst voor gebed en stu­die. Van­daar dat het gebouw ook wel _‘sjoel’_ (school) wordt genoemd. De gehele dienst in de syna­goge is ver­vat in een gebe­den­boek of _Sidoer_. De tijd­stip­pen en de wijze waarop uit de _Tora_ (de vijf boe­ken van Mozes) wordt gele­zen, het _Sjema_ (het eer­ste hoofd­ge­deelte uit de litur­gie) wordt gezegd en het gebed of _Tefila_ wordt gere­ci­teerd, zijn daarin aangegeven.

De inrich­ting van de syna­goge dient het belang van de cen­traal staande Tora te onder­stre­pen. Ken­mer­kend zijn daarom : de aan­we­zig­heid van een kast of _Ark_ voor de Tora-rol­len, een ver­ho­ging of _biema_ in het mid­den en een afge­schei­den ruimte voor vrou­wen met uit­zicht op kast en biema.

[![Interieur synagoge met gezicht op de Ark](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F14102.1-900x934.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem F14102")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F14102.1.jpg)Inte­ri­eur syna­goge met gezicht op de Ark



De Ark bevindt zich aan de oost­zijde van de gebeds­ruimte in de rich­ting van Jeru­za­lem. De kast wordt geflan­keerd door zui­len en is vaak voor­zien van cita­ten. Op de Ark het eeu­wig bran­dend licht _(ner tamied)_ en ervoor het _paro­chet_ (voor­hang), uit kost­baar tex­tiel ver­vaar­digd. Rechts staat meestal de negen­ar­mige _cha­noeka-kan­de­laar_. Voor de Ark staat een leze­naar of _amoed_, van­waar de voor­gan­ger een groot deel van de litur­gie reciteert.

[![Reconstructie plattegrond synagoge Gorinchem door Bert Stamkot, Cartografisch Bureau MAP Amsterdam](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/syn_tekeninggroot-900x885.jpg "Productie Cartografisch Bureau MAP Amsterdam")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/syn_tekeninggroot.jpg)Recon­struc­tie plat­te­grond syna­goge door Bert Stamkot.



De Tora-rol wordt met res­pect behan­deld. Men gaat staan, wan­neer zij naar de biema wordt gedra­gen, waar de rab­bijn een hoofd­stuk gaat voor­le­zen. De stok­ken waar­aan de rol is beves­tigd wor­den wel levens­bo­men genoemd en zijn ver­sierd met zil­ve­ren torens met rin­ke­lende bel­le­tjes of met een Tora-kroon _(keter Tora)_. Opge­rold wordt de Tora bekleed met een (vaak) kost­bare man­tel, waar­voor weer een zil­ve­ren schild of _tas_ en een yad (aan­wijs­stokje) gehan­gen wordt. De ban­ken in de syna­goge staan gericht naar de biema. De ver­ho­ging is omrand door een balus­trade. In het mid­den een tafel belegd met een fraai bewerkt kleed, in de kleu­ren van de des­be­tref­fende feest­dag. Onder de tafel wer­den cere­mo­ni­ële objec­ten voor de diverse feest­da­gen bewaard.

[![Vernield interieur synagoge 31 januari 1941](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F16071.1-829x1024.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem F16071")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F16071.1.jpg)Ver­nield inte­ri­eur 31 janu­ari 1941.



Na de slui­ting van de syna­goge werd de inven­ta­ris ver­kocht en raakte ver­spreid. Zo nam de Isra­ë­li­ti­sche gemeente in Rot­ter­dam veel van de ritu­ele voor­wer­pen over, waar­on­der een zil­ve­ren Tora­k­roon, 5 Siprê Tora, 3 Toraman­tels, een paar kleine zil­ve­ren sier­to­rens, een stan­daard voor een Toraman­tel, een paar school­boe­ken, 3 stel kle­den voor het Almem­mor en Aron Hako­desj en een kleine zil­ve­ren yad. Een van de andere Tora-man­tels vond een nieuwe bestem­ming in het Joods His­to­risch Museum in Amster­dam. De Tora-kroon werd ver­kocht even­als de grote 18e eeuwse kroonluchters.



## Onder­zoek

[![Aanleg eerste vlak in de werkput](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/006-kw-00-9-900x586.jpg "Foto Hollandia Archeologen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/006-kw-00-9.jpg)Aan­leg eer­ste vlak in de werkput



## Doel­stel­ling onderzoek

Het onder­zoek had als doel om ken­nis te ver­ga­ren over de arche­o­lo­gi­sche topo­gra­fie en mate­ri­ële cul­tuur van Gorin­chem : waar stond de bebou­wing, uit welke peri­ode stamde deze, wat was de func­tie, en welke res­tan­ten van mate­ri­eel gebruik zijn er gevonden ?

Ander­zijds dient aan­dacht geschon­ken te wor­den aan de res­ten van de mate­ri­ële cul­tuur, de vond­stom­stan­dig­he­den, de dia­chrone ont­wik­ke­ling zowel kwa­li­ta­tief als kwan­ti­ta­tief, de res­ten van voed­sel­pa­tro­nen, gebruik van hulp­bron­nen etc. Ver­taald in vra­gen komt dat bij­voor­beeld neer op : Welke gebruiks­voor­wer­pen wor­den gevon­den op de vind­plaats ? Welk aar­de­werk, glas, metaal, hout etc. gebruikte men en waar­voor ? Welke hoe­veel­he­den gebruikte men ? Is dat door de tij­den heen aan ver­an­de­ring onder­he­vig ? Is het moge­lijk om aan de hand van de vond­sten uit­spra­ken te doen over de wel­stand of maat­schap­pe­lijke posi­tie van de bewo­ners, gebrui­kers ? Is het moge­lijk om uit­spra­ken te doen over de voor­keur van de vroe­gere bewoners ?

Het onder­zoek van de vind­plaats aan de Kwe­kel­straat was ech­ter wat betreft tijd, inspan­ning en finan­ciën beperkt. De vraag­stel­ling was daar­aan nood­ge­dwon­gen aan­ge­past. Voor de syna­goge zijn van­wege de beperkte aard van het onder­zoek de vol­gende pun­ten van belang : Even­tu­ele res­tan­ten van de syna­goge dien­den gedo­cu­men­teerd te wor­den voor­dat zij door de komende bouw­werk­zaam­he­den ver­lo­ren zou­den gaan ; Het regi­stre­ren van vroe­gere res­ten van bewo­ning op het perceel.Het ver­za­me­len en ber­gen van mate­ri­ële res­ten (vond­sten) die gere­la­teerd kun­nen wor­den aan het gebruik van de syna­goge en de bij­ge­bou­wen en de oudere res­ten ter plekke.

[![19de eeuwse resten van synagoge, schoolgebouw, mikwe en watergang (grijs), archeologisch onderzoek naar voormalige synagoge aan de Kwekelstraat te Gorinchem in 2000.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/tekening-19de-eeuwse-resten-synagoge-900x724.jpg "Tekening Hollandia Archeologen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/tekening-19de-eeuwse-resten-synagoge.jpg)19de eeuwse res­ten van syna­goge, school­ge­bouw, mikwe en water­gang (grijs)



## Methode onder­zoek

De loca­tie van de syna­goge was uit over­le­ve­ring en his­to­risch onder­zoek goed bekend. Aan het onder­zoek van het per­ceel waren ech­ter enkele restric­ties ver­bon­den die het arche­o­lo­gisch onder­zoek bemoei­lijkte : van­wege de lichte ver­ont­rei­ni­ging van de bodem diende de uit­ge­gra­ven grond op het per­ceel geschei­den van de schone boven­grond bewaard te blij­ven en na de opgra­ving terug­ge­stort te wor­den. Dit beperkte de grootte van de aan te leg­gen opgra­vings­put­ten en daar­door de over­zich­te­lijk­heid. Tevens ver­zocht de pro­ject­ont­wik­ke­laar om niet die­per dan 1,8 m onder straat­ni­veau te ont­gra­ven van­wege te ver­wach­ten pro­ble­men met de zet­ting van de terug­ge­storte grond die de bouw­werk­zaam­he­den zou­den kun­nen belem­me­ren. Er zou ook ver­zak­king van de belen­dende per­ce­len kun­nen plaats­vin­den. De grond­werk­zaam­he­den voor de nieuw te bou­wen pan­den gin­gen niet die­per dan 1 meter onder het straat­ni­veau (ca. 0 – 0.5 m + NAP). Aan zowel de oost- als de west­kant van de kavel langs de zij­mu­ren van de aan­gren­zende hui­zen bleef een strook van ca. 2 meter onaan­ge­roerd, van­wege het gevaar voor verzakking.

Laags­ge­wijs is met een graaf­ma­chine de oos­te­lijke helft van het ter­rein bloot­ge­legd tot op een diepte van ca. 1,8 meter onder het maai­veld. Dit was vol­doende om de arche­o­lo­gi­sche spo­ren van de 20e tot de 16e eeuw te onder­zoe­ken. Met de hand (schep) zijn spo­ren waar zich vond­sten in bevon­den door­ge­werkt. Met behulp van metaal­de­tec­tors is alle uit­ge­gra­ven grond met grote regel­maat door­zocht. Vrij­wel alle mun­ten wer­den zo gevon­den. Dui­de­lijk geslo­ten vondst­con­cen­tra­ties zoals de vul­ling van de water­gang en de ton­put­ten zijn geheel nat gezeefd op een zeef met maas­wijdte 2 mm waar­door het groot­ste deel van de vond­sten ver­za­meld kon wor­den. Uit deze spo­ren zijn ook enkele eco­lo­gi­sche mon­sters met een inhoud van 2 liter verzameld.

Nadat deze helft geheel was onder­zocht is de wes­te­lijke helft van het ter­rein op dezelfde wijze opge­gra­ven. Op drie plaat­sen zijn klei­nere diepe put­ten met een afme­ting van 2,5 x 1 m gemaakt om inzicht te krij­gen in de onder­grond tot op een diepte van ÷1.0 m NAP (ca. 2,5 meter onder straat­ni­veau). Oudere spo­ren uit de 15e eeuw en vroe­ger ble­ken op dit niveau, en dus onder het gehele per­ceel, nog volop aan­we­zig te zijn.

Langs de oost­kant van de kavel is een pro­fiel gete­kend dat op 2 meter even­wij­dig aan de muur van Kwe­kel­straat 12 – 14. Het pro­fiel heeft een hoogte van 1,80 meter. De onder­zijde reikte tot ÷0.30 m NAP. Door tijd­ge­brek is beslo­ten om maar een deel van het oost-west pro­fiel aan de noord­zijde van de werk­put te teke­nen. Het ver­loop van de spo­ren was hier wei­nig vari­a­bel van­daar dat men dit gedeelte als repre­sen­ta­tief voor het gehele per­ceel kan beschouwen.

[![Achterzijde synagoge, tekening door H.M. den Uyl 1957](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/Achterzijde-synagoge-Gorinc-900x722.jpg "Collectie Regionaal Archief Gorinchem")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/Achterzijde-synagoge-Gorinc.jpg)Ach­ter­zijde syna­goge, teke­ning door H.M. den Uyl 1957



## Gron­dig gesloopt

Tij­dens de opgra­ving ble­ken de muren van de syna­goge vol­le­dig door de sloop te zijn ver­woest. De fun­de­ring van de syna­goge bestond uit twee stro­ken puin met kalk­mor­tel, gestort in sleu­ven die in de klei waren inge­gra­ven. In deze sleu­ven ston­den zes recht­hoe­kige poe­ren, gemet­seld op gre­nen kes­pen die ieder rust­ten op vier hei­pa­len. Vier van deze poe­ren wer­den in de werk­put bloot­ge­legd, de twee res­te­rende poe­ren bevin­den zich waar­schijn­lijk nog tegen de rooi­lijn van het per­ceel ten wes­ten van de werk­put. Samen met het ritu­ele bad, het mikwe, waren deze fun­de­rin­gen de enige res­ten van de syna­goge die zich nog in de bodem bevonden.

In het gemeen­te­ar­chief van Gorin­chem zijn drie foto’s bewaard geble­ven waarop het inte­ri­eur zicht­baar is, gefo­to­gra­feerd in de rich­ting van de ark. Van de noord­zijde van de sjoel, waar zich de con­sis­to­rie, de mikwe en de vrou­wen­ga­le­rij bevon­den, zijn geen afbeel­din­gen bekend. Gedu­rende de opgra­ving ont­stond ech­ter meer dui­de­lijk­heid over hoe deze onder­de­len van de syna­goge er uit moe­ten heb­ben gezien.

Het mikwe en con­sis­to­rie wer­den bij de bouw geves­tigd in een bij­ge­bouw ach­ter de syna­goge. Dit gebouw­tje is goed zicht­baar op een teke­ning van H.M. den Uyl, date­rend van kort voor de sloop. Op deze teke­ning van Den Uyl is het schuine pan­nen­dak zicht­baar, even­als de twee kleine ramen, die van­uit het aan­gren­zende per­ceel op het dak van het bij­ge­bouw uit­zicht boden. Lit­te­kens van deze gesloopte aan­bouw, en van de syna­goge waren nog dui­de­lijk zicht­baar op de muren van het aan­gren­zende per­ceel (Kwe­kel­straat 24 – 26).

[![Zijgevel Kwekelstraat 22-24, I: stijl van het hek, II: voorgevel, III: achtergevel, IV: achtergevel/schuine dak bijgebouw, V: latere doorgang van badhuis naar vrouwengalerij, VI: vroegere doorgang van badhuis naar vrouwengalerij.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/Zijgevel-Kwekelstraat-22-24-900x541.jpg "Tekening Hollandia Archeologen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/Zijgevel-Kwekelstraat-22-24.jpg)Zij­ge­vel Kwe­kel­straat 22 – 24, I : stijl van het hek, II : voor­ge­vel, III : ach­ter­ge­vel, IV : achtergevel/​schuine dak bij­ge­bouw, V : latere door­gang van bad­huis naar vrou­wen­ga­le­rij, VI : vroe­gere door­gang van bad­huis naar vrouwengalerij.



Op de sche­ma­ti­sche teke­ning van de zij­ge­vel van dit pand is zicht­baar hoe een opgang van­uit het bij­ge­bouw naar de vrou­wen­ga­le­rij leidde ; een schuin oplo­pende baan van pleis­ter­kalk en beves­ti­gings­bou­ten van de trap­leu­ning tonen aan waar deze trap zich bevond. De muren van de voor- en ach­ter­zijde van de syna­goge en de ach­ter­zijde van het bij­ge­bouw waren ook dui­de­lijk zicht­baar als lit­te­kens op de gevel, even­als het schuine dak van het gebouw­tje en de rechte uit­bouw die het trap­pen­huis met de vrou­wen­ga­le­rij over­dekte. De twee ven­sters boven het trap­pen­huis, die op de teke­ning van Den Uyl te zien zijn, bevin­den zich nog steeds in de zijgevel.

![Voormalige synagoge aan de Kwekelstraat eind 19de eeuw](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/synagoge6_bewerkt-1.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem")

Voor­ma­lige syna­goge aan de Kwe­kel­straat eind 19de eeuw



Op de foto uit het einde van de 19e eeuw is te zien dat op de plaats van het hui­dige per­ceel Kwe­kel­straat 24 – 26 alleen een muur langs de straat stond. In 1902 werd op deze plaats een pand gebouwd, tegen de zij­ge­vel van de syna­goge, waarin ook een nieuw bad­huis werd inge­richt. Ken­ne­lijk bestond er behoefte aan een gro­tere en meer com­for­ta­bele accom­mo­da­tie van de bad­ruimte. Het trap­pen­huis van­uit het vroe­gere mikwe zal zijn oor­spron­ke­lijke func­tie als toe­gang tot de vrou­wen­ga­le­rij ver­lo­ren heb­ben ofschoon de aan­bouw nooit is afge­bro­ken tot de defi­ni­tieve sloop van de syna­goge, getuige de teke­ning van Den Uyl, die enkele maan­den vóór de sloop werd gemaakt. Het bal­kon dat links op de rand van de foto te zien is, is waar­schijn­lijk de toe­gang tot de vrou­wen­ga­le­rij geweest van­uit de nieuwe bad­ruimte. Uit deze bevin­din­gen kan gecon­clu­deerd wor­den dat de bui­ten­kant van deze gevel oor­spron­ke­lijk de bin­nen­kant van een muur van de syna­goge is. Na de afbraak van de syna­goge is deze muur als zij­ge­vel van dit pand blij­ven staan, en vormt zo het enige fysieke over­blijf­sel van de syna­goge ter plaatse. Tegen­woor­dig is de muur bepleis­terd, waar­mee ook het laatst zicht­bare res­tant van het kerk­ge­bouw voor het oog verdween.

## Gods­dien­stige en maat­schap­pe­lijke school

Ten oos­ten van de water­gang, tus­sen de syna­goge en het hui­dige huis­num­mer 14, bevond zich een pand dat door de Isra­ë­li­ti­sche gemeente als ‘gods­dien­stige en maat­schap­pe­lijke school’ werd gebruikt. Dit gebouw bestond al toen de kof­fie­huis hou­der Lin­de­man twee per­ce­len kocht namens de Isra­ë­li­ti­sche gemeente in 1836. Voor­dien was op het per­ceel ten oos­ten van de stads­wa­ter­gang al een school geves­tigd hoe­wel dit deel in 1841 door de kille weer ver­kocht werd. Alleen het woon­huis van Jacob de Groot bleef in bezit van de Isra­ë­li­ti­sche gemeente.

[![Schoolklas 1917](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-school-1917-900x599.jpg "Foto particuliere collectie")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-school-1917.jpg)School­klas 1917.



Dit huis knapte men tege­lijk met de bouw van de syna­goge op. Het is niet dui­de­lijk of het toen de nieuwe gevel heeft gekre­gen die op de 19e eeuwse foto van de syna­goge te zien is. De wes­te­lijke zij­muur is gedeel­te­lijk op de water­gang gebouwd en naast een oudere fun­de­ring. De joodse school was waar­schijn­lijk iets gro­ter dan het 16e-17e eeuwse huis dat er eer­der stond maar het valt niet uit te slui­ten dat het huis voor een deel nog 16e-17e eeuwse ele­men­ten bezat. De lengte bedroeg ruim 10 meter en de breedte was iets meer dan 7 meter als men er van uit­gaat dat het huis aan­sloot op Kwe­kel­straat 14. De fun­de­ring van de voor­ge­vel was nog aan­we­zig onder het pla­vei­sel aan de Kwe­kel­straat. Het ach­ter­huis was onge­veer 3 meter lang. In dit ach­ter­huis lagen vele fun­de­rings­res­ten door en over elkaar waar geen func­tie aan toe te schrij­ven viel. De ach­ter­zijde van het huis liep iets in breedte af omdat de wes­te­lijke muur voor een deel de onder het ach­ter­huis ver­dwij­nende water­gang volgde. De schei­ding tus­sen voor- en ach­ter­huis houdt de ach­ter­ge­vel aan de voor­gan­ger van de school.

Onder het voor­huis bevond zich in het mid­den een grote gemet­selde 19e eeuwse water­put waar aan de boven­zijde twee loden pij­pen uit­kwa­men die diep in de put sta­ken en aan de andere kant door een kel­der­muur naar het oos­ten ver­dwe­nen. Het kel­der­tje was een res­tant uit de 18e eeuw en na de aan­leg van de put dicht­ge­gooid. Een derde loden lei­ding liep op een iets die­per niveau naar het ach­ter­huis en in de water­gang. Deze pijp diende als een over­loop. De put bleek na te zijn opge­gra­ven nog steeds te func­ti­o­ne­ren. Het water welde nog altijd snel op. De put was mini­maal 4,5 meter diep (tot onder ÷3,50m NAP). Waar­schijn­lijk heeft deze put ook gefunc­ti­o­neerd om het mikwe te vullen.

[![Funderingsresten met links de opengebroken waterput en rechts de watergang.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Opgraving-Kekelstraat-synagoge-Gorinchem-2000-1-900x595.jpg "Foto Hollandia Archeologen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Opgraving-Kekelstraat-synagoge-Gorinchem-2000-1.jpg)Fun­de­rings­res­ten met links de open­ge­bro­ken water­put en rechts de watergang.



## Gees­te­lijke reinheid

In de joodse tra­di­tie is het gewoonte om gebruik te maken van een mikwe, het bad waarin bij bepaalde omstan­dig­he­den een ritu­ele onder­dom­pe­ling plaats­vindt. Dit gebeurt bij vrou­wen voor­dat zij in het huwe­lijk tre­den en na hun men­stru­a­tie­pe­ri­ode. Strikt ortho­doxe man­nen maken op vrij­dag gebruik van het mikwe om ‘rein’ de sjab­bat in te gaan en voor hun huwe­lijk om ‘rein’ aan deze nieuwe levens­fase te begin­nen. Tevens vindt onder­dom­pe­ling plaats van iemand die tot het Joden­dom over­gaat, als afslui­ting van een vaak jaren­lange peri­ode van voor­be­rei­ding. In al deze geval­len gaat het om het ver­krij­gen van een vorm van gees­te­lijke rein­heid. Een mikwe moet ten­min­ste 40 se’a (circa 500 liter) ‘stro­mend’ water bevat­ten, dat recht­streeks uit een bron, een rivier, of zee afkom­stig is. Is deze hoe­veel­heid bereikt, dan is aan­vul­ling met kraan­wa­ter mogelijk.

[![Mikwe van de voormalige synagoge aan de Kwekelstraat te Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/mikwe-synagoge-gorinchem-900x609.jpg "Foto Martin Veen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/mikwe-synagoge-gorinchem.jpg)Mikwe van de voor­ma­lige syna­goge aan de Kwe­kel­straat te Gorinchem



Aan de ach­ter­kant van de syna­goge werd op een diepte van 0.75 cm + NAP een gemet­selde mikwe aan­ge­trof­fen van twee bij ander­halve meter. Het diep­ste deel van het bak­ste­nen bad was toe­gan­ke­lijk met gemet­selde tre­den en was bekleed met rode, gebak­ken pla­vui­zen. Het bad rustte op gre­nen kes­pen die op palen waren gefun­deerd, ver­ge­lijk­baar met de vier zicht­bare fun­de­rin­gen van de syna­goge. Er was geen afvoer aan­we­zig, maar in de oos­te­lijke hoek bevond zich een over­loop en een gemet­selde goot van bak­steen en pla­vui­zen, die uit­mondde in de water­gang. De boven­zijde van het bouw­sel is ver­moe­de­lijk bij de afbraak ver­nield, waar­door een aan­tal tre­den ver­dwe­nen zijn.

Na vol­tooi­ing van de opgra­ving is op ver­zoek van de Gemeente Gorin­chem het mikwe met behulp van een kraan­wa­gen 5 meter in zui­de­lijke rich­ting ver­plaatst. Hier­door kon het mikwe bewaard blij­ven onder de vloe­ren van de nieuw­bouw omdat het op deze plaats geen belem­me­ring zou vor­men voor de heiwerkzaamheden.

[![Oudste sporen voor 1841 onder de synagoge](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/Synagoge-Gorinchem-2tekenin-900x710.jpg "Tekening Hollandia Archeologen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/Synagoge-Gorinchem-2tekenin.jpg)Oud­ste spo­ren voor 1841 onder de synagoge



## Onder de joodse school (einde 16e eeuw-1836)

De kille kocht in 1836 van de “stads­on­der­wij­zer der jeugd” Jacob de Groot een “kapi­taal, hecht en sterk woon­huis en erve” dat later gedeel­te­lijk inge­richt zou wor­den als de Isra­ë­li­ti­sche school. In 1841 ver­kocht de Neder­landsch Isra­ë­li­ti­sche Gemeente Gorin­chem (NIGG) weer een deel dat ooit in gebruik was als bur­ger­school. Dit pand moet wel het nog bestaande pand Kwe­kel­straat 12 – 14 zijn geweest.

De oud­ste grond­spo­ren op de kavel van de syna­goge en de school die date­ren voor de bouw in 1841 vindt men al op een hoog niveau. Bin­nen de loca­tie van de Isra­ë­li­ti­sche school bevin­den zich op een niveau van ca. 1.10 m +NAP de res­ten van een oud vloer­ni­veau dat waar­schijn­lijk op of iets onder straat­ni­veau lag. De pla­vui­zen­vloer lag op een laag kalk met daar­bo­ven wat zand. Het for­maat van de pla­vui­zen was 22×22×1,5 cm, ze waren onge­gla­zuurd en het ver­band was onre­gel­ma­tig. Voor de vloer was gebruik gemaakt van halve en kwart pla­vui­zen. Aan de vorm van de kalk­laag viel af te lezen dat de vloer voor het groot­ste deel ver­wij­derd was voor de aan­leg van de grote water­put in 1841.

Hoogst­waar­schijn­lijk is deze vloer in ver­band te bren­gen met muur­res­ten die uit de 18e eeuw of eer­der date­ren en die de res­tan­ten zijn van de voor­gan­ger van de school. De zij­muur van deze voor­gan­ger kan gebouwd zijn op de onre­gel­ma­tig gecon­stru­eerde fun­de­rings­muur die tegen de oost­zijde van de water­gang stond. Deze muur bestond uit een onre­gel­ma­tig ver­band van grote rode bak­ste­nen met een for­maat van 30x15x7cm. De ste­nen waren dui­de­lijk her­ge­bruikt. Aan de hand van het for­maat moe­ten de ste­nen 15e ‑vroeg 16e eeuws zijn geweest. Ook elders in de stad vindt men der­ge­lijk her­ge­bruik van ouder bouw­ma­te­ri­aal. Tij­dens de opgra­ving van [huis Paf­fen­rode](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/wp-mfa-exports/post/beestachtige-beelden-op-een-muur-in-de-burgstraat.md) in 1997 ble­ken de fun­de­rin­gen van het huis dat aan het eind van de 16e eeuw was gebouwd van het­zelfde for­maat grote bak­ste­nen. Mis­schien zijn deze ste­nen afkom­stig van de gesloopte laat mid­del­eeuwse stads­muur of het Bour­gon­di­sche kas­teel de [Blauwe Toren](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/wp-mfa-exports/page/blauwe-toren-1999.md). In ieder geval moet door de aan­leg van de ves­ting­wer­ken en de ingrij­pende bouw­werk­zaam­he­den in Gorin­chem vanaf 1580 zeer veel bouw­ma­te­ri­aal zijn vrij­ge­ko­men dat men dank­baar kon aan­wen­den voor nieuw­bouw en renovatie.

De res­tan­ten van een fun­de­ring die NW-ZO liep vormde de ach­ter­zijde van dit gebouw. Moge­lijk mar­keer­den de onder­bre­kin­gen in de muur de plaats waar de hou­ten gevel­stij­len geplaatst waren van een huis met een deels hou­ten ach­ter­ge­vel. Als we uit­gaan van de sym­me­trie in het gebouw dan waren de afme­tin­gen van dit huis ca. 5,5 m breed en 6,5 m lang. De gevel aan de straat­kant moet zo onge­veer een meter bre­der zijn geweest dan de ach­ter­ge­vel. In het huis waren twee kleine kel­ders aan­we­zig. Of zij tege­lijk in gebruik waren valt niet te zeg­gen. Het lijkt erop dat ze beide uit de 18e eeuw date­ren. Het kel­der­tje aan de oost­zijde van het huis is dicht­ge­gooid in de 19e eeuw na de aan­leg van de water­kel­der en de loden lei­din­gen. Onderin de kel­der zat een hou­ten vaatje inge­gra­ven met o.a. vroeg 18e eeuwse Gor­cumse pij­pen. De bodem van het vaatje bevond zich op ÷0,20 m NAP. De andere kel­der was vondstloos. De bodem bestond uit naald­hou­ten plan­ken. Het for­maat van de bak­ste­nen (22×10×4 cm) doet ver­moe­den dat de kel­der in de 18e eeuw was inge­bouwd. De bodem van deze kel­der lag op ÷0,42 m NAP. De fun­de­ring van het huis aan de straat­kant kan nog aan­we­zig zijn. Waar­schijn­lijk lag de rooi­lijn van de bebou­wing in de 16e-17e eeuw iets meer naar het zui­den. Het huis dateerde dus uit het eind van de 16e eeuw. De vroeg­ste ver­mel­ding van een eige­naar een huis op deze plaats is Tho­nis Fransz. van 1591 tot voor 1604. Mis­schien was hij tevens de bou­wer van dit pand. Er is zowel arche­o­lo­gisch als uit het archief geen aan­wij­zing voor sloop of ver­nieu­wing van het huis gedu­rende de peri­ode 1591 – 1836. De gevel van de joodse school lijkt op de foto’s 19e eeuws. Ook de gevon­den fun­de­rings­muur onder de rand van de hui­dige bestra­ting aan de Kwe­kel­straat wijst op een der­ge­lijke date­ring. Dit lijkt in tegen­spraak met de his­to­ri­sche gege­vens maar het was ove­ri­gens niet onge­brui­ke­lijk dat alleen de voor­ge­vel en de zij­ge­vel ver­nieuwd wer­den. De rest van het huis zou 16e – 17e eeuws kun­nen zijn geweest met enige 19e eeuwse modi­fi­ca­ties aan de voor- en ach­ter­zijde. Mocht het huis toch nieuw opge­trok­ken zijn dat moet dit voor de aan­koop van het NIGG in 1836 zijn gebeurd. In dat geval gebruikte men de oude fun­de­rin­gen omdat die klaar­blij­ke­lijk nog vol­de­den. De fond­sen die men beschik­baar had voor de nieuwe syna­goge voor­za­gen alleen in een her­stel van de naast­ge­le­gen woning.

Het is niet uit te slui­ten dat toen ook de gevel ver­nieuwd is. Het ach­ter­huis ten noor­den van spoor 116 is ook een jon­ger bouw­sel. Er zijn geen spo­ren gevon­den van muren ouder dan de 18e eeuw op dit achtererf.

In de ver­pon­dings­ko­hie­ren van voor 1653 ver­meldt men twee huis­jes die tus­sen dit per­ceel en de vol­gende staan. Uit de archi­va­lia wordt niet dui­de­lijk of deze huis­jes uit­ein­de­lijk bij het per­ceel zijn gevoegd dat door de NIGG werd aan­ge­kocht. De opgra­vings­ge­ge­vens wij­zen ondub­bel­zin­nig op een enkele huis­plaats op de plaats waar ooit het woon­huis van Jacob de Groot stond en later de jood­sche school was gevestigd.

De oud­ste res­ten onder de school kwa­men uit de grijze klei­la­gen die op enkele plek­ken tot op 0,80m NAP bewaard waren geble­ven. Hierin bevon­den zich scher­ven Sieg­burg steen­goed (o.a. Jaco­ba­kan­ne­tjes) en rood en grijs aar­de­werk uit de 14e, maar vooral 15e eeuw.

## Onder de syna­goge (14e/​15e eeuw-1841)

Ten tijde van de aan­koop van de kavel door de NIGG in 1836 was het ter­rein waar later de syna­goge zou ver­rij­zen onbe­bouwd en was door de eige­naar Jacob de Groot inge­richt als tuin. Bij de koop in 1818 stond op dit per­ceel nog een schuur (van­ouds koets­huis) die door de vorige eige­naar, voer­man Johan­nes de Bruijn Ger­ritsz., waar­schijn­lijk als zoda­nig nog wel gebruikt zal zijn. De Groot sloopte de schuur al kort na de aan­koop van het ter­rein en bouwde een schut­ting op de plaats van de ingang van de schuur. In 1798 was er nog sprake van een koets­huis, stal­ling en erve met een loods en var­ken­schot­ten. Het ter­rein was omheind en er lag vol­gens de trans­port­akte een mest­hoop. De stal­ling, de loods, mest­hoop en de var­ken­schot­ten zijn in de daarop vol­gende twin­tig jaren ver­dwe­nen want er werd bij de aan­koop van per­ceel en opstal­len door De Groot geen mel­ding meer van gemaakt.

Tot aan 1788 moet er op dit stuk een woon­huis gestaan heb­ben. Of dit huis later in gebruik werd geno­men als koets­huis valt niet op te maken uit de archief­stuk­ken. In 1690 stond er nog naast het huis een ander klein huisje. De oud­ste archief­ge­ge­vens over bebou­wing op deze kavel zijn uit 1637 als een erf­ge­naam van Claes Cor­ne­liss en Lijs­beth Dir­cksdr. het huis, erf met bouw­huis, “berge en toe­be­ho­ren” van de andere erf­ge­na­men over­nam. De spo­ren van bebou­wing onder de latere syna­goge zijn afkom­stig uit een geschei­den peri­ode : drie kui­len, een deel van een vloer en een res­tant van een kel­der of put, date­ren uit de 18e eeuw of vroe­ger. De recht­hoe­kige kuil was opge­vuld met bak­steen­puin waar­tus­sen frag­men­ten lagen van grote rood­bruin gegla­zuurde steen­goed kel­der­va­ten met grote hori­zon­taal geplaatste wor­sto­ren die uit de tweede helft van de 18e eeuw dateren.

Samen met de muur­res­ten en de delen van de vloer zou dit een res­tant van een kel­der van een woon­huis kun­nen zijn geweest. Ook spoor 83 lijkt een­zelfde date­ring te heb­ben. De ver­mel­ding in het nota­ri­eel archief van een huis dat hier tot 1788 of iets later bewoond moet zijn geweest valt te rij­men met deze bevin­din­gen. De fun­de­rin­gen van de hui­zen zijn voor de bouw van de syna­goge al gron­dig ver­wij­derd. Als dit per­ceel ver­ge­le­ken wordt met het naast­ge­le­gen per­ceel van de joodse school dan valt op dat de fun­de­rings­sleu­ven van de syna­goge tot ver onder het niveau inge­gra­ven zijn waar men laat 16e en 17e eeuwse spo­ren kan ver­wach­ten. Alleen de diepst inge­gra­ven spo­ren van kel­ders ble­ven bewaard.

[![Gevonden waterput van de synagoge, gevonden tijdens de opgraving aan de Kwekelstraat in Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Opgraving-Kekelstraat-synagoge-Gorinchem-waterput-2000-900x590.jpg "Waterput van de synagoge")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Opgraving-Kekelstraat-synagoge-Gorinchem-waterput-2000.jpg)Water­put



De water­put bestond uit een kraag van 2 lagen taps toe­lo­pende gele bak­ste­nen (form : ong. 17×8×4 cm, 17e eeuw?) met daar­on­der drie ingra­ven hou­ten vaten van ca. 80 cm hoog die in elkaar geplaatst waren. Alle eiken­hou­ten dui­gen waren nog aan­we­zig. De boven­kant van de ste­nen kraag lag op 0,58 m, de bodem van de put op ÷1,40 m NAP. De ste­nen kraag moet veel hoger zijn geweest , er is mini­maal een meter met­sel­werk ver­dwe­nen. De put was opge­vuld met een vul­ling van sterk humeuze klei en zand. Uit de spaar­zame vond­sten viel op te maken dat de put rond 1750 nog in gebruik moet zijn geweest. De put is al eer­der in onbruik geraakt maar is afge­bro­ken met de aan­leg van de fun­de­ring van de syna­goge. Op drie plek­ken (A, B en C) is wat die­per gegra­ven om de onder­grond te kun­nen bekij­ken. Diepte bij A : ÷1,80 m NAP (onder­kant van de oost­zijde van de water­gang sp. 80), diepte B : ÷0,70 m NAP, diepte C : ÷1,20 m NAP. In alle drie de kijk­ga­ten ble­ken tot op het diep­ste niveau ingra­vin­gen van diepe spo­ren, moge­lijk mest­kui­len, aan­we­zig met 15e eeuws aar­de­werk (grijs aar­de­werk en onge­gla­zuurd Sieg­burg steen­goed). In test­put A bevon­den zich de 16e eeuwse spo­ren van de water­gang. In test­put C wer­den de dag­zo­men zicht­baar van twee opho­ging­sla­gen met bruin­grijze klei met 15e eeuws aar­de­werk, sin­tels en puin. Er waren in de test­put­ten geen spo­ren van bebou­wing uit de peri­ode voor de 18e eeuw.

[![Geopende watergang](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-watergang-900x595.jpg "Foto Hollandia Archeologen")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-watergang.jpg)Geo­pende watergang



## Water­gang

Ten oos­ten van de oos­te­lijke begren­zing van de fun­de­rin­gen van de syna­goge werd de boven­zijde van een met taps toe­lo­pende bak­steen gemet­seld ton­ge­welf aan­ge­trof­fen dat zich uit­strekte vanaf de straat­kant in noord­oos­te­lijke rich­ting, paral­lel aan de zij­ge­vel van de syna­goge, afbui­gend in oos­te­lijke rich­ting onder het ach­ter­huis van huis­num­mer 14⁄12. Het soort bak­steen, de for­ma­ten ervan, en de spe­cie van het boven­ste niveau van deze water­gang was ver­ge­lijk­baar met het met­sel­werk van poe­ren van de syna­goge en het mikwe, en vormt hier­mee waar­schijn­lijk één bouw­fase. Dit gewelf steunde aan weers­zij­den op twee muren, waar­tus­sen zich een onge­veer 60 cm dikke laag beer met 19e en 20e eeuws vondst­ma­te­ri­aal bevond, hoofd­za­ke­lijk glas en aar­de­werk, maar ook rub­ber, melk­dop­pen en een huls van een geweer­pa­troon van Duitse make­lij, date­rend uit 1938, van een kali­ber dat in de Tweede Wereld­oor­log nog gang­baar was. Hier­uit bleek dat dit riool ten tijde van het bestaan van de syna­goge in gebruik moet zijn geweest. Dit bleek ook uit het ver­loop van de afvoer van het mikwe die uit­mondde in dit riool. Op een die­per niveau waren oudere bouw­fa­ses in de twee muren van de water­gang te onder­schei­den. Onder het 19e eeuwse met­sel­werk bevon­den zich enkele niveaus die gemet­seld waren met de aan­mer­ke­lijk klei­nere 17e eeuwse ijsselbakstenen.

## Meer­dere bouwlagen

Op de laag­ste niveaus wer­den mid­del­grote rood­bak­ken bak­ste­nen aan­ge­trof­fen, vaak met spo­ren van her­ge­bruik. Dit her­ge­bruik was gedu­rende de 15e en 16e eeuw in Gorin­chem gebrui­ke­lijk, het­geen later nog ter sprake zal komen. Veel van de oud­ste spo­ren in de werk­put bevat­ten deze bak­ste­nen. Van­wege het fre­quente her­ge­bruik van bak­ste­nen vor­men deze bevin­din­gen geen uit­ge­spro­ken date­rin­gen, maar getuigt de stra­ti­gra­fi­sche opbouw van de soor­ten bak­steen wel op bouw­fa­ses die zich over meer­dere eeu­wen heb­ben uitgestrekt.

In de oos­te­lijke hoek werd de werk­put tot op 2.00 m –NAP ver­diept en bleek de zui­de­lijke muur van de water­gang tot 1.80 m –NAP gemet­seld te zijn, waar de noor­de­lijke muur op 0.20 m –NAP over­ging in een beschoei­ing van palen en plan­ken. Ver­moe­de­lijk is de zui­de­lijke (en oos­te­lijke) zijde van de water­gang als eer­ste van een bak­ste­nen wal voor­zien, waarop ook de fun­de­rin­gen van de bebou­wing op dit per­ceel wer­den geplaatst (zie ver­der in deze tekst). Langs de noor­de­lijke zijde van deze beschoei­ing leken venige afzet­tin­gen langs dag­zo­men van de klei­ige onder­grond te wij­zen op de aan­we­zig­heid van een sloot of water­loop, als voor­gan­ger van de ste­nen water­gang. De oud­ste dateer­bare vond­sten uit de onder­ste vul­ling van de water­gang dateer­den uit het einde van de 16e eeuw. Het is waar­schijn­lijk dat in deze peri­ode de water­loop is geka­na­li­seerd, het­geen ook over­een­stemt met de his­to­ri­sche bron­nen, waarin sinds het begin van de 17e eeuw de “stads­wa­ter­gang” als per­ceel­schei­ding wordt ver­meld. Het ont­bre­ken van vondst­ma­te­ri­aal uit de 17e en 18e eeuw duidt er op dat de water­gang werd leeg­ge­schept, om dicht­slib­ben te voorkomen.



## Bouw­be­stek 1841

[![Kerkbestuur tijdens het 75 jarig bestaan van de synagoge in 1917, fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-kerkbestuur-1-900x515.jpg "Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem.")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-kerkbestuur-1.jpg)Kerk­be­stuur tij­dens het 75 jarig bestaan van de syna­goge in 1917.



## 4 Junij 1841 Aan­be­ste­ding onder hoog­ere Goedkeuring

Heden den veer­tien­den Junij des jaars acht­tien hon­derd een en veer­tig, des mid­dags, in de her­berg van Rei­nier Savels­berg, op den Lan­gen­dijk, te Gorinchem,
 Ten ver­zoeke en bij­we­zen van de Hee­ren Enoch van der Sluis, Izaäk Hij­mans, en Nathan van Stra­ten, allen koop­lie­den, wonende te Gorin­chem, ten deze in hunne betrek­king, de eerst­ge­melde van ouder­ling, de twee­de­ge­melde van Man­hi­chop­zig­ter, en de laatst­ge­melde van pen­ning­mees­ter, te zamen uit­ma­kende het Kol­le­gie van Man­hi­gim der Ring Sij­na­goge van de Israe­li­ti­sche Gemeente te Gorin­chem, en alzoo voor en namens dezelve Gemeente.

Heb ik Cor­ne­lis Gerar­dus Boon­za­jer, open­baar nota­ris, resi­de­rende te Gorin­chem, gead­s­is­teerd met den heer Cor­ne­lis Meu­le­man, Grif­fier bij het kan­ton­ge­r­egt, en Machiel Valke, Deur­waar­der, bei­den wonende te Gorin­chem, als hier­toe ver­zochte getui­gen, in het open­baar, ter aan­be­ste­ding en aan­ne­ming aan­ge­bo­den het nage­melde werk, en zulks naar en vol­gens het daar­van door de Hee­ren Beste­ders opge­maakt bestek en voor­waar­den van beste­ding te Gorin­chem geteek­end den elf­den Junij acht­tien hon­derd een en veer­tig, Num­mer drie hon­derd acht en twin­tig, zeven en een kward blad, zon­der ren­voi­jen, gere­gi­streerd te Gorin­chem den elf­den Junij acht­tien hon­derd een en veer­tig, deel een en twin­tig, folio der­tig recto, vak een, ont­van­gen voor regt met de acht en der­tig opcen­ten, eene gul­den tien en een halve cents, door den ont­van­ger geteek­end Rom, aan deze minuut gehecht en zulks daarop ver­meld, en welke voor­waar­den wor­den gehou­den als in deze geheel te zijn inge­voegd en waar­toe bij deze wordt verwezen.

Tot welke bedoelde aan­be­ste­ding over­gaande, zoo zijn tot het­zelve einde aangeboden :
 Het bou­wen eener geheel nieuwe kerk, bene­vens eene bad­ka­mer en kon­sis­to­rie, alles te plaat­sen op een ter­rein, aan den Blij­den­hoek of Kwe­kel­straat, ach­ter de vijf maag­den, naast de voor­ma­lige of oude stads bur­ger­school te Gorin­chem, mits­ga­ders het doen van eenige repa­ra­tien aan het daar­naast staande huis, met al de daar­toe benoodigde bouw­stof­fen en leve­ran­tiën er onder begrepen.
 Het­zelve werk is, onder nadere appro­ba­tie, zoo van Hee­ren Beste­ders, als van het Gou­ver­ne­ment dezer lan­den, aan­ge­no­men door Jan van Dooremaalen, met­se­laar, wonende te Gorin­chem, voor en om de som van vier dui­zend drie hon­derd en negen­tig guldens.

En heeft, na gedane voor­le­zing, alhier geteekend.
 (w.g.) J. van Dooremaalen

Aldus in het open­baar gedaan, aan­be­steed en gepas­seerd te Gorin­chem, ter plaatse, dage, door, voor en in tegen­woor­dig­heid als in het hoofd dezes gemeld, en, na gedane voor­le­zing, heb­ben de aan­ne­mer hier­vo­ren onder zijn par­ceel, als­mede de beste­ders, getui­gen en Nota­ris Boon­za­jer, aan het einde dezer minuut, geble­ven onder den­zel­ven Nota­ris geteekend.

(w.g.)
 E. van der Sluis
 I. Hijmans
 N. van Straten
 M. Valke
 C. Meuleman
 C.G. Boonzajer

Bestek, waarna het Kerk­be­stuur der Israe­li­ti­sche Gemeente te Gorin­chem, ten over­staan van eenen daar­toe bevoeg­den Amb­te­naar publiek zal aan­be­ste­den het bou­wen eener geheel nieuwe kerk, bene­vens eene bad­ka­mer en Kon­sis­to­rie, alles te plaat­sen op een ter­rein aan den Blij­den­hoek of Kwe­kel­straat, ach­ter de Vijf Maag­den, naast de voor­ma­lige of oude Stads bur­ger­school te Gorin­chem, mits­ga­ders het doen van eenige repa­ra­tien aan het daar­naast staande huis, met al de daar­toe benoodigde bouw­stof­fen en leve­ran­tien er onder begre­pen en hier­na­der omschreven.

### Arti­kel 1 Beschrij­ving van het werk

De maat in dit bestek voor­ko­mende is de Neder­land­sche el, ver­deeld in pal­men, dui­men en stre­pen, het gewigt het Neder­land­sche pond.

### Arti­kel 2

De lengte van het kerk­ge­bouw is bin­nen­werks lang elf ellen en breed zes ellen. De bad­ka­mer bin­nen­werks drie ellen, en vijf­tig dui­men lang en breed drie el, vijf­tig dui­men. De Kon­sis­to­rie bin­nen­werks lang drie ellen, vijf­tig dui­men en breed drie ellen, vijf­tig dui­men. De ver­deel­in­gen zul­len geschie­den naar de plat­te­grond en opstand­steek­e­nin­gen en vol­gens de uit­sla­gen op de ware grootte, welke daar­van voor­han­den zijn.

### Arti­kel 3

In de door­snede over de lijn a‑b zijn de zij­ge­vels op den bega­nen grond der kerk ter zwaarte van een en een halve steen, en in de door­snede over de lijn c‑d, zijn het vóór- en ach­ter­front mede op den bega­nen grond ter zwaarte van een halve mopsteen. De hoogte der muur­wer­ken zijn uit de vloer der kerk geme­ten tot den boven­kant der muur­plaat zes ellen, vijf­tig duimen.

### Arti­kel 4

De begane grond in de kerk, die der bad­ka­mer en kon­sis­to­rie, zul­len twin­tig dui­men hooger zijn, dan de kruin der thans aan­we­zige Straat.

### Arti­kel 5 Gra­ven der Fondamenten

De aan­ne­mer zal de noodige ont­gra­ving voor de fon­da­men­ten moe­ten doen, en wel na de plat­te­grond­steek­e­ning, zeven pal­men die­per dan de kruin der straat, tot zood­a­nige breedte, dat de fon­da­men­ten daarin onge­hin­derd kun­nen gelegd wor­den. Indien bevon­den wordt, dat de grond voor het daar­stel­len van het voor­schre­ven gebouw, niet vol­doende was, zal de aan­ne­mer op order van de Hee­ren Beste­ders of een daar­toe gesteld per­soon, aan de vier hoe­ken der gegra­vene sleuf, zoo­veel maste palen in den grond heijen met de benoodigde den­nen kep­sen en pla­ten daarop, als hem zal wor­den geor­don­neerd. Iedere paal lang drie ellen, zwaar op den kop twin­tig dui­men dia­me­ter en aan den punt veer­tien ad vijf­tien dui­men, waar­voor als­dan aan den aan­ne­mer extra zal wor­den betaald vijf gul­den voor iedere paal, de leve­ran­cier en het arbeids­loon daar­on­der begrepen.

### Arti­kel 6 Fondamenten

Alvo­rens met het met­sel­werk te begin­nen, zal de aan­ne­mer in de fon­da­ments­sleu­ven bren­gen eene laag steen­puin, ter genoeg­zame breedte, dik twaalf dui­men ; dezelve goed vast aan­stam­pen en met drie dui­men dikte zand overdekken.

De fon­da­men­ten voor de kerk aan te leg­gen ter zwaarte van drie en een halve mopsteenen ; de twee eer­ste lagen in zand, dezelve goed in te was­schen en de ove­ri­gen in kalk­mor­tel steen op te met­se­len, om de twee pal­men hoogte aan iedere zijde een kle­zoor te ver­snij­den en zood­a­nig te bewer­ken, dat gemelde muren op de hoogte van twin­tig dui­men onder den kruin der straat nog twee steenen zwaarte behouden.

De regt­stands­mu­ren der kerk dan ver­der op te wer­ken ter zwaarte van een en een halve steen met bes­ten hard­graauw in ster­ken bas­terd tras, tot de hoogte van vijf­tig dui­men bene­den den kruin der straat.

De fon­da­men­ten der bad­ka­mer en kon­sis­to­rie, waar­van de regt­stan­den moe­ten opgaan van één steen, aan te leg­gen ter zwaarte van één en één halve steen en ter hoogte van zes lagen of der­tig duimen.

De sepa­ra­tie muur, waar­van het regt­stand moet opgaan van een halve steen, aan te leg­gen ter zwaarte van één steen en ter hoogte van vier lagen of twin­tig dui­men in kalk­mor­tel en even zooals van de fon­da­men­ten der kerk is gezegd.

### Arti­kel 7 Metselwerk

Al de met­sel­wer­ken naar de teek­e­ning zui­ver water­pas aan te leg­gen met heele en drie kwart­steenen in het sterk­ste kruis­ver­band, van bin­nen en bui­ten met bedekte voe­gen, vol­ko­men met spe­cie gevuld te wer­ken en tel­kens om elke ver­snij­ding van hoek tot hoek over te water­pas­sen, in te was­schen en zorg te dra­gen dat de steenen voor de ver­wer­king behoor­lijk nat gemaakt en bij de ver­wer­king wind droog zijn.

### Arti­kel 8 Aan­vul­ling der Fondamenten

De aan­vul­ling der fon­da­men­ten zal niet eer­der geschie­den, dan na dat al de met­sel­wer­ken op de hoogte van den kruin der straat zijn gebragt.

[![Toegangspartij synagoge Kwekelstraat Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13776.1-735x1024.jpg " Fotocollectie Regionaal Archief Gorinchem.")

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F13776.1.jpg)Toe­gangs­par­tij syna­goge Kwe­kel­straat Gorinchem



### Arti­kel 9 Opstand

Het vóór- en ach­ter­front der kerk op de gemet­selde fon­da­men­ten aan te leg­gen van een en een halve steen met de benoodigde klom­pen, dik een halve steen, breed zes­tig dui­men tot op de hoogte der bekoe­pe­ling en van daar met één steen opgaan tot onder de muur­plaat. De twee zij­ge­vels der kerk op de gemet­selde fon­da­men­ten, aan te leg­gen van één en één halve steen tot op de hoogte der bekoe­pe­ling en van daar met één steen opgaan tot boven den nok.

Het voor­front zal met hard graauw en best rood van bin­nen, en het ach­ter­front bene­vens de twee zij­ge­vels met best boe­ren­graauw en best rood van bin­nen opge­met­seld wor­den, ter hoogte van één el boven den bega­nen grond die­nende tot tras­raam, zal met ster­ken bas­terd tras en van daar tot onder de muur­plaat en boven den nok met kalk­mor­tel moe­ten gemet­seld worden.

De regt­stands­mu­ren der bad­ka­mer en kon­sis­to­rie op de gemet­selde fon­da­men­ten aan te leg­gen van één steen tot onder de muur­plaat bene­vens het sepa­ra­tie muur­tje, op het fon­da­ment aan te leg­gen van een halve steen ; al deze muren van best­rood in kalk mor­tel op te metselen.

In de bad­ka­mer te met­se­len een for­nuis met den benoodig­den ijze­ren pot ; deze pot zal door Hee­ren Beste­ders wor­den gele­verd, met een schoor­steen twin­tig met twin­tig dui­men van IJs­sel­bo­ven­steen, in maniere zooals aan­ge­we­zen zal wor­den, bene­vens een gemet­selde water­digte put, als­mede een trap in het bad circa zes tre­den diep, bin­nen­werks lang eene el, negen en zeven­tig dui­men en breed eene el drie dui­men met lui­ken en eiken­rand daarop te maken zooals behoort en gelijk op de teek­e­ning aan­ge­ge­ven is, alles zooals den aard van dus­da­nig werk vor­dert, en al het water te lei­den tot in den water­gang vol­gens genoe­gen van de Hee­ren Besteders.

Voorts het dak der kerk te dek­ken met blaauwe beste Woer­den­sche pan­nen en te bevorsten.
 In de voor­schre­ven muren zui­ver te lood te stel­len en te wer­ken de navol­gende deur- en lichtkozijnen.

De deur voor den ingang der kerk te maken als eene val­deur, met lood en koord te voor­zien zooals behoort, als­mede de stoep te maken lang tien ellen, tach­tig dui­men, tus­schen zijn rol­laag van vlakke harde klin­kers in de spe­cie met IJs­sel­on­der­steen, drie gemet­selde toog­ko­zij­nen, die­nende tot licht­ra­men, ieder met een Escau­sijn­sche dul­per te voor­zien, lang circa één el, twee en veer­tig dui­men, dik der­tien met vijf en der­tig dui­men ; ‑in alle toog­ko­zij­nen in iedere raam te maken eene ruit, die open en toe­ge­daan kan wor­den, met knip­pen en koord zooals behoort.

In het ach­ter­front drie gemet­selde toog­ko­zij­nen tot licht­ra­men, één deur­ko­zijn tot ingang der Bad­ka­mer en Konsistorie.
 In de twee zij­ge­vels twee toog­ko­zijn­tjes voor licht­ra­men boven de bekoepeling.
 In de bad­ka­mer ééne deur en één lichtkozijn.
 In de kon­sis­to­rie ééne deur en één lichtkozijn.

### Arti­kel 10

Al de voor­schre­vene muren, vooral zui­ver vlak te wer­ken, en bij de opmet­se­ling van bin­nen dade­lijk met kalk vol te gooi­jen, en te schu­ren zon­der veel spe­cie tot de vlak­king noodig te heb­ben of te moe­ten gebrui­ken ; hierop en op de bou­wing en afpra­ming der steen­kalk zal bij­zon­der acht moe­ten gege­ven wor­den, ten einde het raap­werk voor uit­zet­ting, blad­de­ring, enz. te bewa­ren, en de ver­ee­ni­ging met de met­sel­kalk te bevorderen.

Het voor­front met gesne­dene voe­gen af te voe­gen, en de zij­ge­vels, ach­ter­front, bad­ka­mer en kon­sis­to­rie mede op te voe­gen en met de dag­gen door­ge­haald, alles vol­gens den eisch van een dus­da­nig werk. De muren der bad­ka­mer en kon­sis­to­rie onder de rij vol te gooi­jen, en de muren tot onder de zol­der­dee­len over te rapen en te pleis­te­ren. In de bad­ka­mer zal den aan­ne­mer eene vloer van beste blaauwe Rijn­sche tegels moe­ten leg­gen, bene­vens een wit tegel­tje van onder langs de muren, zooals zulk werk vereischt.

### Arti­kel 11

De met­sel­spe­cien zul­len moe­ten zijn als volgt :
 De slap­pen bas­terd tras, zes dee­len kalk, één deel tras en twee dee­len zand.
 Kalk­mor­tel, zes dee­len kalk, vier dee­len zand.
 De kalk steenkalk
 De tras Dord­sche keur
 Het zand zui­ver scherp rivierzand
 De kalk zal moe­ten wor­den gemaakt in eene behoor­lijke over­dekte plaats.

### Arti­kel 12 Timmerwerk

Al de tim­mer­wer­ken zoo­veel moge­lijk met pin en gat zamen te stel­len, de lijs­ten vol­ko­men en zui­ver vlak naar den eisch van ieder werk te scha­ven, op te scha­ven en vol­gens de beste wijze van ver­ee­ni­ging zamen te voe­gen met verf aan te bren­gen en sterk te spijkeren.

De vloer­bind­ten der kerk, vrou­wen­kerk en kon­sis­to­rie aan eene zijde regt te strij­ken, de vloer­dee­len behoor­lijk te scha­ven en te kantregten.
 De zol­der­bind­ten der bad­ka­mer en kon­sis­to­rie te scha­ven, de dee­len aan beide zij­den te scha­ven, kant­reg­ten, ploe­gen, leg­gen en aan te drijven.
 De kap­ge­bind­ten, sprui­ten en gor­din­gen, dak­dee­len voor de bekleeding, enz. te schaven.
 De deu­ren en licht­ko­zij­nen voor de kerk, bad­ka­mer en kon­sis­to­rie benoodigd, moe­ten naar de teek­e­ning wor­den zamen­ge­steld of zooals geor­don­neerd zal wor­den, bene­vens het deur­ko­zijn tot ingang der kerk van grei­nen riga’s hout, dik vijf­tien dui­men, vijf stre­pen met twin­tig dui­men, zes stre­pen, te stel­len op Escau­sijn­sche base­ment­no­ten, lang vijf en vijf­tig dui­men, met des­zelfs dul­per daar tus­schen, breed twee pal­men, zeven stre­pen met één palm, vijf dui­men, vijf stre­pen ; ‑daarin te maken twee pane­len deu­ren van grei­nen noords hout, dik blij­vens vier dui­men ; de pane­len van wagen­schot dik drie dui­men, drie stre­pen, te han­gen aan drie bekwame bogt­knie­ren met dub­bele gewrig­ten en te slui­ten met een bekwaam trek­slot met twee sleu­tels en schroe­ven te voor­zien ; als­mede het raam boven de deur van grei­nen hout, de spij­len van wagen­schot en een snij­stukje in het glas­hout en van bui­ten te bewer­ken met pilas­ters van grei­nen hout dik vijf dui­men, breed twee pal­men, negen dui­men met zijn kap­luif daar­bo­ven te bewer­ken na de Corin­thi­sche orde in dek­ken met zwaar orgel­lood en met twee leeu­wen­kop­pen in de deuren.

Al het hout voor het bui­ten­werk benoodigd, zal van greine hout moe­ten zijn Riga’s.
 Het raam­hout van negen en der­tig streeps hout.
 Het hout vooral het bin­nen­werk moet zijn van den­nen hout en zwaarte als volgt :
 De kap­sprui­ten zwaar tien à zes­tien duimen.
 De gor­ding tien met zes­tien dui­men en de nok acht à tien duimen.
 De dak­dee­len zwaar drie dui­men à der­tig dui­men den­nen deelen.
 De toogen voor de bekoe­pe­ling uit slijp­dee­len, dub­beld tegen elkan­der geklampt.
 De schro­ten zwaar twee dui­men, zes stre­pen à tien duimen.
 De draag­balk boven de kolom­men der vrou­wen­kerk zwaar der­tien à acht­tien duimen.
 De leg­ger­tjes der vrou­wen­kerk zwaar tien à vijf­tien duimen.
 De vloer op dezelve zwaar negen en der­tig strepen.
 De vloer in de kerk uit eiken rib­ben, zwaar tien à tien dui­men, niet wij­der van een mid­den op mid­den als negen­tig dui­men, op teer­ling­jes gemet­seld en met negen en der­tig streeps den­nen dee­len beves­tigd twee lang.
 De vloer in de kon­sis­to­rie uit eiken rib­ben, zwaar acht à tien dui­men en met negen en der­tig streeps dee­len bevestigd.
 De toren op de kerk vol­gens teek­e­ning daar te stel­len, alles over­een­kom­stig den aard van zood­a­nig werk, breed één el, veer­tig duimen.

Het bin­nen­werk der kerk zooals ban­ken niet draai­bare les­se­naars te maken, de ban­ken langs den muur in maniere zooals de teek­e­ning aan­wijst en alle zit­ban­ken in de kerk te han­gen en te slui­ten zooals behoort.
 De pre­dik­stoel als­mede de bewa­rings­kast der Moza­ï­sche wets­rol­len te bewer­ken na de Corin­thi­sche orde van den­nen hout, als­mede twee les­se­naars te ver­vaar­di­gen van grei­nen hout in maniere zooals aan­ge­we­zen zal wor­den, de deu­ren wagen­schot, de kolom­men van grei­nen hout, het hart daar­uit geboord, alles in maniere zooals aan­ge­we­zen zal wor­den en in de platte grondteek­e­ning aan­ge­ge­ven en de pre­dik­stoel op eene meer sier­lijke wijze naar kerk­be­stuur­ders goed­vin­ding zal daar­ge­steld worden.

De archi­tra­ven om de deur­ko­zij­nen enz. de kolom­men en balie vol­gens teek­e­ning en naar den uit­slag te werken.
 Voor de vrou­wen­kerk een trap te maken vol­gens den uit­slag met eene aan­trede van zes­tien dui­men, de kwar­tier­boo­men van vijf en vijf en twin­tig dui­men, de tre­den negen en der­tig stre­pen met een gref van voren.
 De stoot­bor­den zes en twin­tig stre­pen met de benoodigde leu­nin­gen vol­gens den eisch daar te stellen.
 Nog : ach­ter op de plaats tegen het kerk­ge­bouw te maken een geheim gemak, vol­gens eisch daar te stel­len met zijn riool, pot en zin­ken treg­ter te voor­zien en van boven met een plat van zink van num­mer veer­tien digt te dek­ken, en het water te lei­den door een zin­ken pijpje zoo als behoort.

Voorts nog te maken een por­taal met het benoodigde regel­werk, enz. ter hoogte van twee ellen, der­tig dui­men van den­nen­hout, dik twee dui­men, zes stre­pen, het regel­werk dik vijf met acht dui­men, met eene val­deur daarin na genoegen.
 In het voor­front vol­gens teek­e­ning en naar den uit­slag aan te bren­gen eene lijst vol­gens Dori­sche orde, in het ach­ter­front eene keul­sche goot met al de benoodigde win­kel­haak­ij­zers te voorzien.

Als­mede tus­schen het huis en de kerk eenen door­gang te laten en den­zelve te bestra­ten met IJsselondersteen.
 Voorts te maken eene hei­ning muur lang circa ééne el, hoog twee ellen, vijf­tig dui­men van best boe­ren­graauw, ter dikte van één steen met zijn benoodigd fon­da­ment daar­on­der en met een ezels­rug rol­laag te dek­ken en dezelve te voe­gen en te dag­gen, daarin te maken eene poort­deur van vuuren hout, dik drie dui­men met drie klam­pen en te han­gen met veer­duim­han­gen en te slui­ten onder en boven met een zware gren­del en met een inla­tend slot zooals behoort, alles te bewer­ken zooals in arti­kel zes beschre­ven is, bene­vens de ban­ken op de vrou­wen­kerk te maken van den­nen hout, in maniere zooals aan­ge­we­zen zal wor­den ; voor het regel­werk dik acht met acht dui­men, voor de zit­plan­ken dik vier dui­men, als­mede de les­se­naars tegen de balie van den­nen hout, dik twee dui­men, zes strepen.

### Arti­kel 13

Al de ver­eischt wor­dende spij­kers, hout­schroe­ven, sluit­pla­ten, kope­ren bos­jes voor de schui­ven, pin­nen, enz. voor de uit­voe­ring van dit werk onmis­baar te leve­ren, en daar waar in dit bestek geene lengte of zwaarte der spij­kers is aan­ge­we­zen, wordt dezelve ver­on­der­steld en bij deze bepaald, het dub­beld van de dikte der ver­bin­dende voor­wer­pen te zijn.

### Arti­kel 14

Al de tot de uit­voe­ring van dit werk benoodigd zijnde for­me­len, mal­len, stij­gers, enz. te maken en te leve­ren, ten einde het werk gere­geld ten uit­voer te brengen.

### Arti­kel 15 Hardsteenwerk

De drie bin­nen­deur­ko­zij­nen op hard­steenen noot­jes te stel­len met zijne dul­pers daar­tus­schen, bene­vens op de vier hoe­ken, alwaar de vleg­tin­gen begin­nen, bene­vens boven het dak aan beide zij­den, en op de vier pilas­ters van ach­te­ren mede hard­steenen dek­stuk­jes te plaat­sen. In den ingang der kerk en den uit­gang der­zelve naar de bad­ka­mer, te leg­gen twee hard­steenen dor­pels, hoog vijf en twin­tig duimen.

### Arti­kel 16

Al de hard­steenen wer­ken vol­gens teek­e­ning en daar­van te maken mal­len, zui­ver vlak te wer­ken met digte voe­gen te stel­len en lood tus­schen de op elkan­der komende steenen te leg­gen, de ijzer­wer­ken met bekwame doken en de steenen te ver­bin­den en met lood vast te gie­ten, zorg­dra­gende dat de dook­ga­ten rondom vijf stre­pen rui­mer zijn dan de dikte der doo­ken, en al de hard­steenen naar den eisch van het werk te frij­nen en op te schu­ren waar zulks ver­eischt wordt.

### Arti­kel 17 IJzerwerken

De ankers die tot ver­bin­ding door de kerk komen, zwaar drie à vier dui­men en de scheu­ten moe­ten mede van drie à vier dui­men ijzer gemaakt wor­den, bene­vens de drie hang­ij­zers voor de kroo­nen. Al het ver­der benoodigde ijzer­werk hoe ook genaamd, moet alle van het beste soort en genoeg­zame zwaarte zijn.

### Arti­kel 18 Lood- en Zinkwerken

Al het lood en zink te leve­ren, leg­gen en sol­de­ren, zooals de meeste deugd van het werk vor­dert en hem aan­ne­mer zal wor­den geor­don­neerd. Het lood moet der­tig neder­land­sche pon­den in de vier­kante el zwaar zijn, het zink van num­mer veer­tien ; de ver­ga­der­bak­ken en aflaat­pij­pen van zink te maken, de pij­pen wijd zes dui­men. Het zink met zink­spij­kers te bespij­ke­ren, en daar waar het­zelve met het ijzer in aan­ra­king zoude komen, het ijzer met orgel­lood te bekleeden.

### Arti­kel 19 Verfwerken

Al de hout­wer­ken, waar­te­gen gemet­seld of die tegen hard­steenen gesteld zijn, een­maal te verwen.
 Het ijzer­werk eerst te meniën en daarna twee maal te ver­wen bene­vens de bad­ka­mer en konsistorie.
 Al de kozij­nen, ramen, deu­ren, lijs­ten en bui­ten­hout­wer­ken te stop­pen, oliën, gron­den en twee maal over te verwen.
 De hout­wer­ken bin­nen het gebouw te stop­pen, lij­men, de poriën vol en gelijk te schu­ren, te oliën, te gron­den en twee maal over te ver­wen naar onder­linge ver­kie­zing, bene­vens het geheele staande werk van de bewa­rings­kast der Moza­ï­sche wets­rol­len met meer­der sie­raad van verf­werk aan te bren­gen, als­mede naar onder­linge ver­kie­zing der aan­be­ste­ders te bewer­ken. Voorts de benoodigde verf voor het inpas­sen en in elkan­de­ren voe­gen der hout­wer­ken en het aan­bren­gen der lijs­ten te leveren.

### Arti­kel 20

Wij­ders, zooals bij de tim­mer­wer­ken bepaald is, de inge­dre­ven spij­ker­kop­pen, de gaten met
 olie­stop­verf te stop­pen en te ver­wen, als­dan het lood en zink te leggen.

### Arti­kel 21 Glazenmakerswerk

Alle ramen, nadat dezelve geö­lied, gegrond en inge­past zijn, naar den eisch te dig­ten met best half wit Fransch glas, zon­der bla­zen of eenige gebre­ken en met menie stop­verf aan­stop­pen, naar den aard in te zet­ten, te pin­nen en te zor­gen dat er geene geberste gla­zen gebe­zigd worden.

### Arti­kel 22 Stukadoorwerken

De bekoe­pe­ling en lijst­be­kleedin­gen met best droog maas riet van de eer­ste kwa­li­teit, behoor­lijk inge­kort met gegloeid koper­draad en spij­kers aan te bren­gen en acht gevende dat de naden wor­den vermijd.

Het koper­draad van bekwame dikte, met spij­kers op eenen afstand van vijf en zes­tig stre­pen, in reijen van der­tien dui­men van elkan­de­ren aan te bren­gen en te spij­ke­ren ; de ruwe grond, bestaande uit vier dee­len kalk, twee dee­len zand, een deel pleis­ter en met een lang raap­bord over te strij­ken ; de grond behoor­lijk opge­droogd zijnde met dezelve, maar gezifte spe­cie over te rapen en daarna over te pleis­te­ren met Vries­sche stuif­kalk en fijn gema­len pleis­ter, bene­vens de vier zij­den der kerk in lijst te wer­ken, even zooals van de bekoe­pe­ling is gezegd.

### Arti­kel 23 Repa­ra­tie van het huis

Al de gebre­ken aan de twee schuif­ko­zij­nen in den voor­ge­vel van het huis in Wijk D. Num­mer 121, bevon­den wor­dende moe­ten maken, bene­vens voor ieder twee nieuwe ven­sters te ver­vaar­di­gen, alles in maniere zooals het oude bevon­den wordt en het deur­ko­zijn te repa­re­ren zooals behoort.

Als­mede de vloer in de gang mits­ga­ders de bin­nen­ka­mer te repa­re­ren zooals aan­ge­we­zen zal worden.
 In de zij­ka­mer het noodige te doen en op nieuw beplak­ken met gemeen papier na verkiezing.
 In de keu­ken den zol­der behoor­lijk in zijn vorige orde te bren­gen gelijk ook de vloer, als­mede het deur­ko­zijn van den kel­der en dat van de plaats, bei­den in zijn vorige orde te maken, bene­vens in den kel­der de steenen vloer en zol­der en daarin te maken twee rig­gels en uit het geheele dak daar­bo­ven de gebarste pan­nen uit te nemen en digt dekken.
 Ver­vol­gens de geheele bin­nen­plaats moe­ten ver­stra­ten met de uit­ge­ko­mene straat­steenen, met eene goot langs den muur en de te kort komende steenen daar­bij moe­ten leve­ren, bene­vens onder het dak te maken eene grei­nen goot, dik tien met vijf­tien dui­men met een zin­ken pijp en treg­ter te voor­zien, als­mede eene aflei­ding goot te maken van grei­nen plan­ken, in maniere zooals aan­ge­we­zen zal worden.

Wij­ders den gehee­len ach­ter­ge­vel van het voor­noemde huis met des­zelfs geheim gemak, ramen, deu­ren, in maniere te maken van grei­nen hout, alles zooals het oude bevon­den wordt, als­mede onder het geheele dak te maken eene grei­nen goot, dik tien dui­men, vier stre­pen met vijf­tien dui­men, zes stre­pen met des­zelfs uit­lo­zings­pijp van zink zooals behoort.

Mits­ga­ders den gehee­len water­gang weder in orde te maken, al de opstands­mu­ren moe­ten afbre­ken, zoover die slecht bevon­den zul­len wor­den en weder opwer­ken met de oude afge­ko­mene heele steenen en de te kort komende zul­len door den aan­ne­mer moe­ten gele­verd wor­den, als­mede de geheele schoe­ij­ing in zijn vorige orde te maken met eiken scheeps­hout, alles van dikte zooals het oude bevon­den zal wor­den en van boven digt dek­ken zooals behoort.

Als­mede op de boven­voor­ka­mer de vloer moe­ten betin­ge­len daar zulks noodig is ; als­dan in het mid­den te maken een schei­be­schot, glad geschaafd van drooge vlot­dee­len met eene deur daarin te han­gen en te slui­ten met ring en klink ; mits­ga­ders daar te maken eene bed­stede, alles geschaafd van den­nen­hout, voor de pilas­ters slijp­dee­len, ver­ders alles van vlot­dee­len met deur­tjes onder de zet­ting van den­nen­hout, dik twee dui­men, te han­gen zooals behoort, als­mede al de gebre­ken aldaar aan de twee schuif­ko­zij­nen, de stij­len en den dul­per moe­ten maken, bene­vens de ramen in orde te maken zooals behoort.

Ver­vol­gens zal den aan­ne­mer op de vlie­ring in den ach­ter­ge­vel het kozijn­tje moe­ten repa­re­ren, bene­vens een raam daarin te maken van grei­nen hout en te stop­pen zooals behoort, als­mede in de vlie­ring te ver­wer­ken vier ellen vlot­dee­len, als­dan het noodige te betin­ge­len na genoegen.

Als­mede den brand­ge­vel in zijn geheel moe­ten digt met­se­len in de spe­cie, dik één steen tot onder den naald en aan­ra­pen en twee malen wit­ten, als­mede uit het geheele dak al de wrakke pan­nen te wer­ken en al de vor­sten en zoo­men digtsmee­ren ; al de pan­nen van bin­nen digtsmee­ren met spe­cie met haar gemengd zooals behoort.

### Arti­kel 24 Kwa­li­teit en keu­ring der materialen

Al de mate­ri­a­len en gereed­schap­pen voor dit werk benoodigd, zal de aan­ne­mer voor zijne reke­ning moe­ten aan­schaf­fen en ver­zor­gen en moe­ten zijn van de beste in hunne soort.
 Geene mate­ri­a­len, hoe ook genaamd, mogen ver­werkt wor­den, dan nadat dezelve alvo­rens door de daar­toe gestelde direc­tie zul­len zijn goedgekeurd.

De afge­keurde zul­len dade­lijk van het werk moe­ten ver­wij­derd en door vol­doende ver­van­gen worden.
 Indien de aan­ne­mer ter kwa­der trouw han­delde, om afge­keurde of onge­keurde mate­ri­a­len te ver­wer­ken, zal hij tel­ken reize ver­beu­ren eene boete van vijf en twin­tig gul­den, die van zijne aan­ne­ming­som zal wor­den afgetrokken.

### Arti­kel 25 Ver­ge­ting of duisterheden

Indien onder de bewer­king eenige duis­ter­he­den in dit bestek mog­ten voor­ko­men, blijft de uit­leg­ging daar­van aan de Hee­ren beste­ders, of een daar­toe gestelde opzie­ner naar wel­ker uit­spraak de aan­ne­mer zich zal moe­ten gedragen.
 De stads­stra­ten voor zoo­veel die door het gra­ven der fon­da­men­ten of het maken der stel­lin­gen defect wor­den, zal de aan­ne­mer na genoe­gen van Hee­ren Bur­ge­mees­ter en Wet­hou­de­ren moe­ten herstellen.

### Arti­kel 26 Begin en vol­tooying van het werk

De aan­ne­mer zal na beko­men toe­zeg­ging van het werk, dade­lijk een aan­vang moe­ten maken en te zor­gen, dat het gebouw op den vijf­tien­den Janu­a­rij aan­staande in orde opge­le­verd is, het­zelve niet klaar bevon­den wor­dende, zal den aan­ne­mer van zijne bedon­gen aan­ne­mings­gel­den wor­den gekort voor iede­ren dag, die hij lan­ger werkt drie gul­den, ten voor­deele van de Hee­ren besteders.

### Arti­kel 27 Betaling

De beta­ling zal geschie­den in vier termijnen.
 De eer­ste als de fon­da­men­ten met een el daarop gewerkt zijn.
 De tweede als het plaats­hoogte met de bekoe­pe­ling zal klaar zijn.
 De derde als het onder dak en het bin­nen­werk klaar is, en
 De vierde als het werk op den vijf­tien­den Febru­a­rij acht­tien hon­derd twee en veer­tig zon­der hoofd­ge­bre­ken zal bevon­den worden.

### Arti­kel 28 Onkosten

De zegel- en regi­stra­tie reg­ten op deze aan­be­ste­ding val­lende ; het sala­ris van den amb­te­naar over dezelve staande, het plaat­sen van adver­ten­tien in de cou­ran­ten en het ver­der bekend maken der­zelve bene­vens de kamer­huur komen geheel ten laste van den aannemer

Gorin­chem den IIen Junij 1800 één en veertig
 Het Kerk­be­stuur der Israe­li­ti­sche Gemeente voornoemd
 (w.g.)

E. van der Sluis
 I. Hijmans
 N. van Straten

Deze gehecht aan de minuut pro­ces ver­baal van aan­be­ste­ding voor den onder­geteek­en­den nota­ris en getui­gen te Gorin­chem gepas­seerd den 14den Junij 1841, Num­mer 126.
 (w.g.)

M. Valke
 C. Meuleman
 C.G. Boonzajer
 I. Hijmans
 N. van Straten
 E. van der Sluis
 J. van Dooremaalen



## Foto’s

 

 

 

 

  [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/hek.jpg?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/hek.jpg?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/luchtfoto_synagoge_2.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/luchtfoto_synagoge_2.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/luchtfoto_synagoge_3.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/luchtfoto_synagoge_3.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/de_locatie_synagoge.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/de_locatie_synagoge.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/luchtfoto_synagoge.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/luchtfoto_synagoge.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/kraan_kwekel.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/kraan_kwekel.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/locatie_2.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/locatie_2.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/mikwe_6.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/mikwe_6.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/mikwe_5.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/mikwe_5.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/mikwe_3.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/mikwe_3.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/thumb/mikwe_2.JPG?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/mikwe_2.JPG?bwg=1617073931) [ ![Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/imported_from_media_libray/thumb/36469295795_f9a70f93fa_o.jpg?bwg=1617073931 "Opgraving synagoge Kwekelstraat Gorinchem (2000)

") 

 ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/photo-gallery/imported_from_media_libray/36469295795_f9a70f93fa_o.jpg?bwg=1617073931) 

 

  [Meer laden…](javascript:void(0);)  

   [  ](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-admin/admin-ajax.php?action=download_gallery&_wpnonce=4a87cfd8b2&gallery_id=12&bwg=49&type=gallery&tag_input_name=bwg_tag_id_bwg_thumbnails_mosaic_49&bwg_tag_id_bwg_thumbnails_mosaic_49&tag=0&bwg_search_49) 

 

 



  

 



## Media

[![Archeologen vinden negentiende-eeuws serviesgoed, restant synagoge zichtbaar](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/010-kw-00-31-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/archeologen-vinden-negentiende-eeuws-serviesgoed-restant-synagoge-zichtbaar/ "Archeologen vinden negentiende-eeuws serviesgoed, restant synagoge zichtbaar")

### [Arche­o­lo­gen vin­den negen­tiende-eeuws ser­vies­goed, res­tant syna­goge zichtbaar](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/archeologen-vinden-negentiende-eeuws-serviesgoed-restant-synagoge-zichtbaar/ "Archeologen vinden negentiende-eeuws serviesgoed, restant synagoge zichtbaar")

GORIN­CHEM – De Kwe­kel­straat in Gorin­chem is al ruim een week een speel­tuin voor Pie­ter Floore en Mar­tin Veen van de gemeen­te­lijke werk­groep arche­o­lo­gie. Met de hulp van enkele vrijwilligers…



[![Gorcum op zoek naar oude resten synagoge](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/Achterzijde-synagoge-Gorinc-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/gorcum-speurt-naar-oude-resten-synagoge/ "Gorcum op zoek naar oude resten synagoge")

### [Gor­cum op zoek naar oude res­ten synagoge](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/gorcum-speurt-naar-oude-resten-synagoge/ "Gorcum op zoek naar oude resten synagoge")

GORIN­CHEM – De gemeente Gorin­chem laat vol­gende maand een arche­o­lo­gisch onder­zoek ver­rich­ten in de Kwe­kel­straat in de hoop iets tast­baars van het Joodse ver­le­den te vin­den. Onder het parkeerterreintje…



[![Gorinchem stopt ritueel bad onder de grond, een mikweh tussen de heipalen](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/11/mikwe-kwekelstraat-gorinchem-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/gorinchem-stopt-ritueel-bad-onder-de-grond-een-mikwe-tussen-de-heipalen/ "Gorinchem stopt ritueel bad onder de grond, een mikweh tussen de heipalen")

### [Gorin­chem stopt ritu­eel bad onder de grond, een mik­weh tus­sen de heipalen](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/gorinchem-stopt-ritueel-bad-onder-de-grond-een-mikwe-tussen-de-heipalen/ "Gorinchem stopt ritueel bad onder de grond, een mikweh tussen de heipalen")

GORIN­CHEM – Onder een beton­nen vloer en tus­sen de heil­pa­len bewaart Gorin­chem een bij­zon­der res­tant van de Joodse gemeen­schap. die vooral tij­dens de vorige eeuw in de stad een opbloei kende:…



[![Joods ritueel bad blijft behouden](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Mikwe-Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F14110.1-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/joods-ritueel-bad-blijft-behouden/ "Joods ritueel bad blijft behouden")

### [Joods ritu­eel bad blijft behouden](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/joods-ritueel-bad-blijft-behouden/ "Joods ritueel bad blijft behouden")

GORIN­CHEM – Het onlangs opge­gra­ven joods ritu­eel bad aan de Kwe­kel­straat blijft behou­den voor de stad Gorin­chem. De gemeente, en pro­ject­ont­wik­ke­laar ING Vast­goed zul­len de kos­ten voor de verplaatsing…



[![Joods ritueel bad gevonden](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/12/mikwe_1-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/joods-ritueel-bad-gevonden/ "Joods ritueel bad gevonden")

### [Joods ritu­eel bad gevonden](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/joods-ritueel-bad-gevonden/ "Joods ritueel bad gevonden")

GORIN­CHEM – De afge­lo­pen week heeft de gemeen­te­lijke Werk­groep Arche­o­lo­gie met suc­ces een onder­zoek uit­ge­voerd in de Kwe­kel­straat in Gorin­chem. De aan­ge­trof­fen res­ten behoor­den tot de voormalige…



[![Opgraving naar eergister in Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/12/36424213725_b51c605dfb_o-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/opgraving-naar-eergister-in-gorinchem/ "Opgraving naar eergister in Gorinchem")

### [Opgra­ving naar eer­gis­ter in Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/opgraving-naar-eergister-in-gorinchem/ "Opgraving naar eergister in Gorinchem")

GORIN­CHEM – Aan de zij­muur van het pand ernaast is nog te zien waar de trap van de syna­goge heeft geze­ten. De wand ziet er uit of het gesloopte pand een jaar gele­den nog stond. Het vormt het…



[![Resten synagoge komen boven](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/04/006-kw-00-9-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/resten-synagoge-komen-boven/ "Resten synagoge komen boven")

### [Res­ten syna­goge komen boven](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/resten-synagoge-komen-boven/ "Resten synagoge komen boven")

GORIN­CHEM – Wie de afge­lo­pen weken de Kwe­kel­straat in de bin­nen­stad pas­seerde, kon daar vrij­wil­li­gers van de Gor­cumse werk­groep Arche­o­lo­gie aan het werk zien. Onder lei­ding van arche­o­loog Pieter…



[![Ritueel bad in Gorcum ontdekt](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Mikwe-Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F14107.1-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/ritueel-bad-in-gorcum-ontdekt/ "Ritueel bad in Gorcum ontdekt")

### [Ritu­eel bad in Gor­cum ontdekt](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/ritueel-bad-in-gorcum-ontdekt/ "Ritueel bad in Gorcum ontdekt")

GORIN­CHEM – In Gor­cum is onder de fun­da­men­ten van de oude syna­goge aan de Kwe­kel­straat 14 een mikwe opge­do­ken. Dat gebeurde tij­dens arche­o­lo­gisch onder­zoek naar de in 1958 gesloopte synagoge.…



[![Speurneuzen in de Kwekelstraat hebben weer beet, werkgroep ontdekt mikwe.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/01/mikwe-synagoge-gorinchem-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/speurneuzen-in-de-kwekelstraat-hebben-weer-beet-werkgroep-ontdekt-mikwe/ "Speurneuzen in de Kwekelstraat hebben weer beet, werkgroep ontdekt mikwe.")

### [Speur­neu­zen in de Kwe­kel­straat heb­ben weer beet, werk­groep ont­dekt mikwe.](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/speurneuzen-in-de-kwekelstraat-hebben-weer-beet-werkgroep-ontdekt-mikwe/ "Speurneuzen in de Kwekelstraat hebben weer beet, werkgroep ontdekt mikwe.")

GORIN­CHEM – De gemeen­te­lijke werk­groep arche­o­lo­gie heeft de afge­lo­pen twee weken op een par­keer­plaats in de Kwe­kel­straat gespeurd naar res­tan­ten van de in 1958 gesloopte syna­goge. Naast negentiende…



[![Wat voor een leek niet veel meer is dan een leuk putje met een trapje, is voor archeologen een wereldontdekking: een heuse mikwe in hartje Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/11/mikwe-synagoge-Gorinchem-kwekelstraat-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/wat-voor-een-leek-niet-veel-meer-is-dan-een-leuk-putje-met-een-trapje-is-voor-archeologen-een-wereldontdekking-een-heuse-mikwe-in-hartje-gorinchem/ "Wat voor een leek niet veel meer is dan een leuk putje met een trapje, is voor archeologen een wereldontdekking: een heuse mikwe in hartje Gorinchem")

### [Wat voor een leek niet veel meer is dan een leuk putje met een trapje, is voor arche­o­lo­gen een wereld­ont­dek­king : een heuse mikwe in hartje Gorinchem](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/wat-voor-een-leek-niet-veel-meer-is-dan-een-leuk-putje-met-een-trapje-is-voor-archeologen-een-wereldontdekking-een-heuse-mikwe-in-hartje-gorinchem/ "Wat voor een leek niet veel meer is dan een leuk putje met een trapje, is voor archeologen een wereldontdekking: een heuse mikwe in hartje Gorinchem")

GORIN­CHEM – Vlak voor­dat het bodem­on­der­zoek werd beëin­digd, heeft de gemeen­te­lijke Werk­groep Arche­o­lo­gie op de loca­tie van de vroe­gere syna­goge aan de Kwe­kel­straat in Gorin­chem een joods ritueel …



[![Werkgroep Archeologie wordt verrast door vondst in Kwekelstraat, ritueel bad gevonden in binnenstad.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2018/01/Mikwe-Synagoge-Gorinchem-Kwekelstraat-F14110.1-150x150.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/werkgroep-archeologie-wordt-verrast-door-vondst-in-kwekelstraat-ritueel-bad-gevonden-in-binnenstad/ "Werkgroep Archeologie wordt verrast door vondst in Kwekelstraat, ritueel bad gevonden in binnenstad.")

### [Werk­groep Arche­o­lo­gie wordt ver­rast door vondst in Kwe­kel­straat, ritu­eel bad gevon­den in binnenstad.](https://www.archeologiegorinchem.com/projectenoverzicht/kwekelstraat-16-synagoge-2000/werkgroep-archeologie-wordt-verrast-door-vondst-in-kwekelstraat-ritueel-bad-gevonden-in-binnenstad/ "Werkgroep Archeologie wordt verrast door vondst in Kwekelstraat, ritueel bad gevonden in binnenstad.")

GORIN­CHEM – De gemeen­te­lijke Werk­groep Arche­o­lo­gie heeft vorige week een joods ritu­eel had opge­gra­ven in de bin­nen­stad van Gorin­chem “We wer­den aan­ge­naam ver­rast door de vondst”, bekende medewerker…







## Lite­ra­tuur



| [![Broeken, A., (2006) Gorcumse bodemschatten. Archeologische speurtocht naar de geschiedenis van de Arkelstad, Gorcumse Monumentenreeks 12, Gorinchem, p. 40-45.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2019/01/Gorcumse-bodemschatten.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/08/boekje_archeologie.pdf#page=34) | **Broeken, A., (2006)** Een hedendaagse zoektocht: de synagoge aan de Kwekelstraat, in: Gorcumse bodemschatten. Archeologische speurtocht naar de geschiedenis van de Arkelstad, _Gorcumse Monumentenreeks 12,_ Gorinchem, p. 40-45. <a class="_3d-flip-book fb3d-link-lightbox-mode" data-book-template="default" data-cols="3" data-id="8047" data-lightbox="dark" data-mode="link-lightbox" data-page-n="0" data-pdf="" data-tax="null" data-template="short-white-book-view" data-thumbnail="" data-title="false" data-trigger="" data-urlparam="fb3d-page">Flipbook</a> \ | [PDF](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2017/08/boekje_archeologie.pdf#page=34) (3 MB) |  |
| --- | --- | --- | --- |
| [![Dautzenberg, M.J.J., (2002) De opgraving van de synagoge te Gorinchem, Hollandia reeks 5, Zaandijk.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2019/01/2002_dautzenberg.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2016/12/dautzenberg-mjj-2002-de-opgraving-van-de-synagoge-te-gorinchem-hollandia-reeks-5-zaandijk.pdf) | **Dautzenberg, M.J.J., (2002)** De opgraving van de synagoge te Gorinchem, _Hollandia reeks 5,_ Zaandijk_._ <a class="_3d-flip-book fb3d-link-lightbox-mode" data-book-template="default" data-cols="3" data-id="6112" data-lightbox="dark" data-mode="link-lightbox" data-page-n="0" data-pdf="" data-tax="null" data-template="short-white-book-view" data-thumbnail="" data-title="false" data-trigger="" data-urlparam="fb3d-page">Flipbook</a> \ | [PDF](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2016/12/dautzenberg-mjj-2002-de-opgraving-van-de-synagoge-te-gorinchem-hollandia-reeks-5-zaandijk.pdf) (7,35 MB) |  |
| [![Evers, L., (1999) Jodendom voor beginners, Amsterdam.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2019/03/evers.jpg)

](https://www.worldcat.org/oclc/66458640) | **Evers, L., (1999)** _Jodendom voor beginners,_ Amsterdam. [WorldCat](https://www.worldcat.org/oclc/66458640) |  |  |
| [![Goch, H.A. van (1898) Van Arkel's Oude Veste. Geschied- en Oudheidkundige Aanteekeningen betreffende de Stad Gorinchem en hare voornaamste gebouwen en instellingen, Gorinchem.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2020/01/Van-Arkels-Oude-Veste.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2020/01/Van-Arkels-Oude-Veste.pdf#page=65) | **Goch, H.A. van (1898)** _Van Arkel's Oude Veste. Geschied- en Oudheidkundige Aanteekeningen betreffende de Stad Gorinchem en hare voornaamste gebouwen en instellingen,_ Gorinchem, p. 57-58. [WorldCat](https://www.worldcat.org/oclc/907173278) \ | <a class="_3d-flip-book fb3d-link-lightbox-mode" data-book-template="default" data-cols="3" data-id="17417" data-lightbox="dark" data-mode="link-lightbox" data-page-n="0" data-pdf="" data-tax="null" data-template="search-book-view" data-thumbnail="" data-title="false" data-trigger="" data-urlparam="fb3d-page">Flipbook</a> \ | [PDF](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2020/01/Van-Arkels-Oude-Veste.pdf#page=65) (81 MB) |
| [![Michman, J., H. Beem & D. Michman Pinkas. Geschiedenis van de Joodse gemeenschap in Nederland, Amsterdam/Antwerpen.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2019/03/pinkas.jpg)

](https://www.worldcat.org/oclc/66994396) | **Michman, J., H. Beem & D. Michman** _Pinkas. Geschiedenis van de Joodse gemeenschap in Nederland,_ Amsterdam/Antwerpen. [WorldCat](https://www.worldcat.org/oclc/66994396) |  |  |
| [![Oostveen, J. van, (2010) Tabakspijpen van de opgraving Kwekelstraat te Gorinchem, Tiel.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2019/01/2010_oostveen_kwekelstraat.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2016/12/oostveen-j-van-2010-tabakspijpen-van-de-opgraving-kwekelstraat-te-gorinchem-tiel.pdf) | **Oostveen, J. van, (2010)** _Tabakspijpen van de opgraving Kwekelstraat te Gorinchem_, Tiel. <a class="_3d-flip-book fb3d-link-lightbox-mode" data-book-template="default" data-cols="3" data-id="6113" data-lightbox="dark" data-mode="link-lightbox" data-page-n="0" data-pdf="" data-tax="null" data-template="short-white-book-view" data-thumbnail="" data-title="false" data-trigger="" data-urlparam="fb3d-page">Flipbook</a> \ | [PDF](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2016/12/oostveen-j-van-2010-tabakspijpen-van-de-opgraving-kwekelstraat-te-gorinchem-tiel.pdf) (3,72 MB) |  |
| [![Stamkot, B., (1989) Joods Gorcum 1349-1964. Een gedenkboek, Merewade-reeks 11, Gorinchem.](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2019/03/stamkot_joods_gorcum.jpg)

](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2021/11/Joods_Gorcum.pdf) | **Stamkot, B., (1989)** Joods Gorcum 1349-1964. Een gedenkboek, _Merewade-reeks 11_, Gorinchem. [WorldCat](https://www.worldcat.org/oclc/905428573) \ | <a class="_3d-flip-book fb3d-link-lightbox-mode" data-book-template="default" data-cols="3" data-id="23890" data-lightbox="dark-shadow" data-mode="link-lightbox" data-page-n="0" data-pdf="" data-tax="null" data-template="search-book-view" data-thumbnail="" data-title="false" data-trigger="" data-urlparam="fb3d-page">Flipbook</a>\ | [PDF](https://www.archeologiegorinchem.com/wp-content/uploads/2021/11/Joods_Gorcum.pdf) (17 MB) |



## Met­a­data





 

 

\[table id=55 /\]