Arkelstraat 102, Bluebandhuis (2011)

Onderzoek

Sporen in het pro­fiel wor­den nauw­keu­rig vast­ge­legd

Maandag 31 okto­ber 2011 start­te het arche­o­lo­gi­sche onder­zoek op de plaats van het Bluebandhuis, hoek Arkelstraat-Rosmolensteeg. Het schit­te­ren­de okto­ber­weer lok­te opval­lend veel Gorcumers naar de put om een kijk­je te nemen. Via Twitter ble­ven belang­stel­len­den dage­lijks op de hoog­te van de actu­e­le ont­wik­ke­lin­gen. Hieronder het dag­boek.

Maandag 31 okto­ber

Al op de eer­ste dag van de opgra­ving blijkt dat het Bluebandhuis gebouwd was op de fun­da­men­ten van oude­re pan­den. Deze fun­da­men­ten wer­den van­daag inge­me­ten, gete­kend en op de foto vast­ge­legd. Behalve scher­ven, werd ook een benen schaats (glis) gevon­den. Morgen gaan deze fun­da­men­ten er uit en wordt de opgra­vings­put ver­diept.

Dinsdag 1 novem­ber

De put werd ver­der uit­ge­diept. De gis­te­ren aan­ge­trof­fen fun­de­rin­gen ble­ken op op hun beurt gefun­deerd met hout. In de daar­on­der lig­gen­de opho­gings­laag werd een inge­gra­ven water­kan van grijs­bak­kend aar­de­werk aan­ge­trof­fen, voor­lo­pig geda­teerd tus­sen 1350 en 1425. Bij nader onder­zoek bleek de kan 14 ske­le­tjes van mui­zen, rat­ten en kik­kers te bevat­ten. De kan werd gebruikt om mui­zen te van­gen. Dergelijke mui­zen­val­len wer­den eer­der tij­dens onder­zoek in Kerk-Avezaath en Leidsche Rijn aan­ge­trof­fen.

De toe­pas­sing was heel sim­pel : men groef eerst een smal­le grep­pel rond de opslag­plaats, waar ver­vol­gens de voor de helft met water gevul­de pot­ten wer­den inge­gra­ven. Omdat het voor de muis las­tig was uit de grep­pel te komen kwam hij van­zelf een keer in de pot met water terecht.

Woensdag 3 novem­ber

De pro­fie­len in de put wer­den gete­kend en beschre­ven. Er blijkt een kei­en­straat­je even­wij­dig aan de Arkelstraat te lopen. Dit is gedo­cu­men­teerd. Grondboringen in de klei­bo­dem van de put zijn een aan­lei­ding tot gedeel­te­lij­ke ver­de­re ver­die­ping van de put (mor­gen). Aardige vondst van­daag was een klei­ne dolk.

Donderdag 4 novem­ber

De put werd ver­diept tot aan het veen. Een dik­ke boom­stam met bast is heel geschikt voor den­dro­chro­no­lo­gisch onder­zoek naar leef­tijd en her­komst. Het voor­ste deel van de put werd vol­ge­stort, aan­slui­tend is een nieuw vlak aan­ge­legd. Hier hout, muren en rom­me­li­ge vloer­tjes van kloos­ter­mop­pen. De gevon­den scher­ven date­ren uit de vijf­tien­de eeuw.

Vrijdag 5 novem­ber

De werk­zaam­he­den in de twee­de aan­ge­leg­de werk­put, aan­slui­tend aan de eer­ste werk­put geven het­zelf­de beeld als de voor­gaan­de dag. De meest voor­ko­men­de vond­sten zijn grijs­bak­ken­de aar­de­werk scher­ven. Dit type aar­de­werk werd gebruikt van 1300 – 1450. Het onder­zoek zal naar ver­wach­ting 2 weken in beslag nemen en wordt uit­ge­voerd door Hollandia Archeologen in Zaandijk, aan­ge­vuld met enke­le Gorcumse vrij­wil­li­gers. Opdrachtgever is woning­bouw­ver­e­ni­ging Poort 6.

Maandag 7 novem­ber

Werkput 2 is nu 4 m. diep. Twee mest­kui­len, hout en klei­la­gen kwa­men tevoor­schijn. In het pro­fiel (de put­wan­den) is de gelaagd­heid van de bodem is nu wel goed zicht­baar. Dit wordt gete­kend en daar­na zal de put gedeel­te­lijk ver­der wor­den ver­diept. De vond­sten van­daag waren voor­na­me­lijk meta­len zoals een deel van een rui­ter­spoor, een bewerkt spie­gel­tje en een (pelgrims)insigne.

Dinsdag 8 novem­ber

Vandaag werd een put aan­ge­trof­fen met een bal­ken­fun­de­ring.

Woensdag 9 novem­ber

Het goe­de nieuws : de arche­o­lo­gen zijn gestuit op maal­steen­frag­men­ten en gro­te door­boor­de hout­de­len van de ros­mo­len. Het for­maat van de bak­ste­nen van de for­se water­put is veel klei­ner dan wat er tot nu toe werd aan­ge­trof­fen onder het Bluebandhuis. De put werd aan­ge­legd in de 19de eeuw.

Donderdag 10 novem­ber

Sedert eeu­wen stijgt er weer een mest­geur op in de Rosmolensteeg. Bij het ver­die­pen zijn veel mest­kui­len te zien. Vondsten : gro­te stuk­ken leder.

Vrijdag 11 novem­ber

Onder een beer­put van vlecht­werk kwam een beer­ton tevoor­schijn gevuld met aar­de­werk uit de 15e eeuw. Uit de noord­oost kant van de werk­put kwa­men veel maal­steen­frag­men­ten en belang­rij­ke hout­de­len uit de grond. Nu begint de ver­wer­king van de gege­vens en de vond­sten. De belang­stel­ling bij de opgra­ving was inspi­re­rend voor de arche­o­lo­gen.

Lees voor het vol­le­di­ge ver­slag en de con­clu­sies van het onder­zoek :

Hoogendijk, T. (2015)
Laatmiddeleeuwse bewo­ning op de loca­tie van het Bluebandhuis in Gorinchem, Hollandia reeks 520, Zaandijk.
Flipbook deel 1 | PDF deel 1 (34 MB), Flipbook deel 2 | PDF deel 2 (34,9 MB)

Rosmolen

De laat­ste tred­mo­len van Amsterdam in 1911, Spaarnestad Photo

Verpachting

Molens wer­den in Gorinchem ver­pacht. Hiervan werd admi­ni­stra­tie bij­ge­hou­den in een pacht­boek. Dank zij het pacht­boek is pre­cies bekend wel­ke molens in deze stad anno 1543 aan­we­zig waren. Aerdt de Roy Gijsbertsz. pacht­te de Kleine Rosmolen en de Cansemolen voor ƒ 540 en zijn zwa­ger Willem Gornelisz. De Grote Rosmolen en de bei­de ande­re wind­mo­lens : de Arkelmolen en de Lazarusmolen ; hier­voor betaal­de hij ƒ 695 per jaar.

In 1543 tel­de Gorinchem drie wind­mo­lens en twee ros­mo­lens. Als de wie­ken van de wind­mo­lens wegens wind­stil­te stil ston­den, dan waren het de ros­mo­lens die het graan voor de bevol­king maal­den. Rosmolens zijn maal­in­rich­tin­gen die in bewe­ging wor­den gebracht door één of meer paar­den. Die paar­den lopen dan steeds in ’t rond, waar­door de molen­ste­nen aan het draai­en wor­den gebracht. Door die omstan­dig­heid zijn ros­mo­lens niet zo aan een bepaal­de plaats gebon­den als bij­voor­beeld wind­mo­lens, die geen bestaans­recht heb­ben zon­der een vrije wind­vang. Rosmolens kon men dan ook aan­tref­fen mid­den in ste­den en dat was in Gorinchem inder­daad het geval.

Detail kaart Jacob van Deventer (1558) met daar­op de ros­mo­len als cir­kel gemar­keerd

De Grote Rosmolen was te vin­den in de Arkelstraat recht tegen­over de Haarstraat op de noor­de­lij­ke hoek van een steeg, die niet voor niets de naam Rosmolensteeg draagt. Die ros­mo­len, waar­in 16 paar­den moch­ten wer­ken, moet in een behoor­lijk groot pand zijn geves­tigd geweest. De Kleine Rosmolen bood daar­en­te­gen plaats aan 12 paar­den en stond in de Boerenstraat, des­tijds nog aan­ge­duid als Krijtstraat. Hij was te vin­den recht ach­ter De Doelen op de plaats waar thans het Tuighuis of Arsenaal staat.

Straten rei­ni­gen

De pach­ters van de molens waren gehou­den aan diver­se bepa­lin­gen die soms heel merk­waar­dig aan­doen. Zo was de mole­naar die de Kleine Rosmolen pacht­te ver­plicht de straat ach­ter het Minderbroederklooster in de Arkelstraat schoon te hou­den en de pach­ter van de Grote Rosmolen moest gere­geld het markt­plein rei­ni­gen. Dat hield niets min­der in dan tus­sen Pasen en 1 okto­ber een­maal per maand de bezem erover te halen en in het najaar en de win­ter elke 14 dagen. Bij nala­tig­heid liet de schout het op zijn kos­ten schoon­ma­ken, ter­wijl hij de kos­ten dub­bel in reke­ning mocht bren­gen bij de tekort­schie­ten­de molenpach­ter.

In 1550 pacht­te Aerdt de Roy Gijsbertsz. De Grote Rosmolen en de Arkelmolen. Zijn zoon Alardt de Roy Aertsz., die zoals het een goed mole­naar betaam­de in de voet­spo­ren van zijn vader trad, was de pach­ter van de Kleine Rosmolen, de Cansemolen en de Lazarusmolen. Vader en zoon De Roy waren mach­ti­ge lie­den, want zij waren de eni­ge koren­mo­le­naars in het gehe­le Land van Arkel. Alle molens in één hand kwam de stads­re­ge­ring van Gorinchem onge­wenst voor en bij de vol­gen­de ver­pach­ting was er een voor­waar­de toe­ge­voegd aan de gebrui­ke­lij­ke con­di­ties : (…) Directe fami­lie­ban­den tus­sen de pach­ters van de diver­se molens waren in het ver­volg taboe.

Molenkoning

In 1563 ont­breekt dat ver­bod in de voor­waar­den en niet per onge­luk. Er is dan slechts één pach­ter die alle vijf Gorinchemse molens in pacht neemt voor een bedrag van ƒ 1088 ter­wijl een jaar eer­der de molens te zamen slechts ƒ 652 opbrach­ten. Er was nu dus één onge­kroon­de molen­ko­ning in de stad, die het mono­po­lie bezat van het malen van gra­nen in een betrek­ke­lijk groot gebied. Het was Aerdt de Roy, wiens naam al eer­der als molenpach­ter of molen­mees­ter ter spra­ke kwam.

Feit is in elk geval, dat op 8 juli 1621 de navol­gen­de molens op de gebrui­ke­lij­ke wij­ze door bur­ge­mees­te­ren ten over­staan van sche­pe­nen aan par­ti­cu­lie­ren wer­den getrans­por­teerd : (…) de Grote Rosmolen in de Arkelstraat. De koper van de Grote Rosmolen en de wind­mo­len bij de Arkelpoort was gebon­den aan soort­ge­lij­ke voor­waar­den : hij moest gra­tis maal­dien­sten ver­rich­ten voor het Oudemannenhuis en het Oudevrouwenhuis en ook voor de dros­saard.  De koper van de Grote Rosmolen en de wind­mo­len bij de Arkelpoort moest ƒ 4000 beta­len en jaar­lijks ook ƒ 150 als erf­pacht op de wind­mo­len en ƒ 60 op de Grote Rosmolen.  Deze per­soon (mr. Abraham Boxman) wist ook het res­te­ren­de deel van de molen te ver­wer­ven, zodat hij hem in zijn geheel in han­den kreeg, even­als de twee bij­be­ho­ren­de hui­zen in de Arkelstraat waar­in nog altijd een ros­mo­len was onder­ge­bracht.

Belegering

De ros­mo­len was lang uit de tijd, maar tocht speel­de hij nog een rol in 1814. In janu­a­ri van dat jaar , toen Gorinchem een bele­ger­de ves­ting was, moch­ten de bei­de wind­ko­ren­mo­lens slechts graan malen voor het inge­slo­ten gar­ni­zoen. De bur­ge­rij  was toen uit­slui­tend aan­ge­we­zen op de Grote Rosmolen.  Na de dood van mr. Abraham Boxman in 1856, nadat hij twee jaar eer­der het ambt van bur­ge­mees­ter van zijn vader­stad om gezond­heids­re­de­nen had neer­ge­legd, erf­de zijn doch­ter Margaretha Alida Hendrika, de echt­ge­no­te van jhr. Frederik Gerrit Edmond Merkus van Gendt, de wind­ko­ren­mo­len en de inmid­dels tot een dub­bel­woon­huis ver­bouw­de huis­jes in de Arkelstraat.

Zonder noten­ver­mel­ding over­ge­no­men uit : A.J. Busch, Molens in Gorinchem (Gorinchem 1978)

Foto’s

« 2 van 5 »

Publicaties

Hoogendijk, T. (2015)
Laatmiddeleeuwse bewo­ning op de loca­tie van het Bluebandhuis in Gorinchem, Hollandia reeks 520, Zaandijk.
Flipbook deel 1 | PDF deel 1 (34 MB), Flipbook deel 2 | PDF deel 2 (34,9 MB)

Kroes, T.A.C. (2012)
Plangebied Bluebandhuis, Arkelstraat 104, gemeen­te Gorinchem. Archeologisch voor­on­der­zoek : een bureau­on­der­zoek, RAAP-noti­tie 4275, Weesp.
Flipbook | PDF (9,69 MB)

Rijkelijkhuizen, M. (2013)
Two mys­tery objects and a calfs­kin glo­ve : excep­ti­o­nal lea­ther finds from Gorinchem, the Netherlands, in : Newsletter Archaeological Leather Group (ALG) 37, p. 3 – 6.
Flipbook | PDF (2,45 MB)

Rijkelijkhuizen, M. (2015)
Paardentuig en een hand­schoen, enke­le laat mid­del­eeuw­se leer­vond­sten uit Gorinchem, in : Westerheem, het tijd­schrift voor de Nederlandse arche­o­lo­gie, 65, nr. 1, p. 10 – 13.
Flipboek | PDF (2 MB)

Media

25-7-2013 AD Rivierenland
Bijzondere leer­vondst in de stad
Archeologen heb­ben tij­dens opgra­vin­gen in de Gorcumse bin­nen­stad enke­le bij­zon­de­re lede­ren voor­wer­pen gevon­den.
Lees meer…

2-7-2013 De Stad Gorinchem
Gevelsteen voor Bluebandhuis
Het Bluebandhuis op de hoek van de Arkelstraat en de Rosmolensteeg heeft sinds vrij­dag 21 juni een eigen gevel­steen.
Lees meer…

12-11-2011 AD Drechtsteden
Vondst : kan vol mui­zen Archeologen vin­den 13de-eeuw­se fun­da­men­ten
Archeologen heb­ben op hun laat­ste onder­zoeks­dag in de Gorcumse bin­nen­stad fun­da­men­ten aan­ge­trof­fen van wonin­gen uit de der­tien­de eeuw.
Lees meer…

12-11-2011 AD Rivierenland
Vondst : kan met mui­zen Archeologen stui­ten op 13de-eeuws fun­da­ment
Archeologen heb­ben op hun laat­ste onder­zoeks­dag in de Gorcumse bin­nen­stad fun­da­men­ten aan­ge­trof­fen van wonin­gen uit de der­tien­de eeuw.
Lees meer…

10-11-2011 AD Rivierenland
Rosmolen uit de 15de eeuw gevon­den
Archeologen van Hollandia en vrij­wil­li­gers van de Werkgroep Archeologie heb­ben gis­te­ren op de hoek van de Arkelstraat in de Gorcumse bin­nen­stad res­tan­ten van een ros­mo­len bloot­ge­legd.
Lees meer…

08-11-2011 De Stad Gorinchem
Kloostermoppen in bouw­put Bluebandhuis
‘Pok!’ Tim Hoogendijk van Hollandia arche­o­lo­gen draait zich abrupt om naar zijn col­le­ga. ‘Pok, Pok.‘klinkt het nog­maals. Het is dui­de­lijk onder de klei­laag van de bouw­put van het Bluebandhuis aan de Arkelstraat in Gorinchem ligt iets.
Lees meer…

05-11-2011 AD Rivierenland
Vondst uit mid­del­eeu­wen
Archeologen vin­den hou­ten fun­de­ring uit 14de eeuw.
Lees meer…

01-11-2011 AD Rivierenland
Zoeken naar spo­ren Rosmolen bij Bluebandhuis
Hollandia Archeologen is gis­te­ren in de Gorcumse bin­nen­stad gestart met onder­zoek op de plek waar voor­heen het Bluebandhuis stond.
Lees meer…

01-11-2011 De Stad Gorinchem
Archeologisch onder­zoek
Op de loca­tie waar straks het nieu­we Bluebandhuis komt wordt bin­nen­kort gestart met het arche­o­lo­gisch onder­zoek.
Lees meer…

Metadata

 

Archisnummer(s):48248 (OM bureau­on­der­zoek)
49061 (OM opgra­ving)
Topografische Kaart :38G
Coördinaten :126.641/427.070 (cen­trum)
Toponiem :Plangebied Bluebandhuis
Plaats :Gorinchem
Gemeente :Gorinchem
Provincie :Zuid-Holland
Type onder­zoek :Archeologische opgra­ving
Uitvoerder :Hollandia Archeologen, Zaandijk
Projectleider :Drs. P.M. Floore
Opdrachtgever :Woningbouwvereniging Poort 6
Bevoegd gezag :Gemeente Gorinchem
Aanvang onder­zoek :31-10-2011
Vondsten & docu­men­ta­tie :Archeologisch depot gemeen­te Gorinchem
DANS :-

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.